maandag 16 september 2013

BOROBUDUR. INDONESIA PULANG KEMBALI. (9).

CANDI BOROBUDUR  OP CENTRAAL JAVA.


De Borobudur is de oudste bekende Boeddhistische tempel op de wereld. Deze is gelegen in de uitlopers van de vulkaan Merapi op ruim 42 kilometer van de stad Yogyakarta op Midden-Java.



DE BOUW.

De bouw van deze eonorme tempel begon rond het jaar 750 n.Chr. in opdracht van de toenmalige vorsten uit de Boeddhistische Sailendra dynastie. Deze vorsten waren rijk geworden van de rijstbouw en besloten als dank voor hun god een heiligdom te bouwen.
Zo viel de keuze op het dichtbevolkte en vruchtbare stuk vallei van de Progo- en Elorivier, daar waar volgens hun onderzoek de 'mannelijke zon' en de 'vrouwelijke aarde' elkaar ontmoeten.
Aan arbeidskrachten was geen gebrek daar iedere boer meerdere dagen in het jaar voor zijn koning moest werken. Zo waren duizenden boeren, andere arbeiders, slaven, gevangenen, beeldhouwers en opzichters tientallen jaren bezig met de bouw. Het verplaatsen van de enorme steenblokken gebeurde op houtenrollen, takels en mankracht. Na bijna 75 jaar kwam deze tempel gereed en was de plaatselijke bevolking drastisch afgenomen. De bouw had vijf generaties Javanen volledig uitgeput. 



In de tempel werd ruim 56.000 m³ steen verwerkt. De stenen werden niet met cement aan elkaar bevestigd maar met een systeem dat we nu van de 'Lego-stenen' kennen. De punt van de ene steen paste in het gat van de andere.



Het was 123 bij 123 meter in het vierkant en de toenmalige hoogte was 42 meter. ( Nu is de hoogte 31,5 meter daar een gedeelte onder de grond ligt.)



De tempel werd gebouwd op een extra opgehoogde heuvel waarvan de ondergrond niet stabiel bleek te zijn
en dat tijdens de bouw reeds tot problemen zou leiden.
De tempel is opgebouwd als een soort piramide bestaande uit negen op een volgende terrassen. De onderste zes terrassen zijn vierkant en de bovenste drie zijn rond van vorm. Deze etages moeten de Boeddhistische kosmos voorstellen. Boven op het geheel staat een enorme stoepa welke symbool staat voor het Nirwana.
Het Wirnama verwijst naar de hoogste staat die door een mens in zijn leven bereikt kan worden en waardoor hij heilig kan worden.
Rond de centrale stoepa welke leeg is staan op de bovenste etages 72 kleine stoepa's.



Vier trappen uit iedere windrichting leiden door rijk versierde poorten naar boven. ( op de afbeelding van boven naar beneden gezien)



De kleine stoepa's vertegenwoordigen van onder naar boven de weg die een gelovige moet afleggen om uiteindelijk het Nirwana te bereiken.

Van beneden naar boven bevinden zich op de eerste galerij 104 Boeddha beelden, op de 2-de galerij 104 beelden, op de 3-de galerij 88 beelden, op de 4-de galerij 72 beelden en op de 5-de galerij 64 beelden allemaal in nissen. 
Op de eerste ronde galerij 32 beelden, de tweede ronde galerij 24 beelden en op de laatste ronde galerij 16 beelden van Boeddha geplaatst in stoepa's. 
De stoepa's met open'gaten erin staan op een punt daar; 'de weg nog onzeker is'. De gesloten stoepa staat voor; 'de weg is duidelijk, het geloof is vast'. 



Een wandeling van meer dan 5 kilometer lengte door gangen over de verschillende galerijen langs 1500 reliëfpanelen met vertellingen afgebeeld over het leven van Boeddha en verder 1.212 decoratieve panelen geven weer hoeveel arbeid en vakmanschap in het bouwwerk zijn verwerkt.

HET VERVAL.


Na de voltooiing van dit enorme bouwwerk werd door lokale opstanden de Shailendra-dynastie ten val gebracht en werd het heiligdom verlaten.
Door vulkaan uitbarstingen en aardbevingen die de grond deden verschuiven raakte het geheel in verval en bedolven met as waar de natuur weer overwoekerend groeide. 
Het enorme bouwwerk raakte vergeten en werd door de lokale bevolking gemeden al zouden er geesten ronddwalen.

WEER GEVONDEN EN DE REDDING.

Gedurende het bewind van de Engelse Luitenant-Gouverneur Thomas Stamford Raffles over Nederlands Indië tijdens de bezetting van de 'Lage Landen' door de Franse troepen van Napoleon, gaf deze opdracht de Javaanse monumenten te inventariseren. Het was de militair Mac Kenzie, die in India had gediend en met de Nederlander H.C.Cornelius samenwerkte, dat in 1814 vermelding werd gemaakt van de vondst van Boeddhistische beelden in het oerwoud van Midden-Java die hij herkende uit zijn diensttijd in India.
Het zou ruim honderd jaar duren eer het gehele zwaar vervallen bouwwerk was blootgelegd en men aan een restauratie zou beginnen.
Maar alles zat tegen. Door het enorme gewicht van de stenen massa en de niet stabiele ondergrond van de opgehoogde heuvel liep de Borobudur gevaar om in te storten.
Ook het regenwater wat tijdens de moesson periodes viel ondermijnde het geheel  door het doorsijpelen van het water tussen de stenen door en het wegspoelen van de ondergrond en verder het aangegroeide mos en de steenrot deden hun verwoeste werking tot verval.
Uiteindelijk werd een zware steunmuur om het geheel aangelegd om de tempel te stutten waardoor de voet van de tempel onder de grond kwam te liggen.


Na een 'slaapperiode' van duizend jaar werd de Borobudur weer wakker gemaakt en begon men met de restauratie wat nog vele voeten in de aarde zou hebben en politieke strijd. Uiteindelijk trok de Indonesische regering het gehele restauratie project naar zich zelf toe om er een prestige project van te maken.
Er werden terrassen afgegraven en weer opnieuw aangelegd met drainagesystemen in de grond en onder de muren door. In die tijd werd er 29.000 m³ aan stenen verplaatst. Al de buitenmuur stenen gereinigd en herplaatst. Het geheel kwam in februari 1983 gereed en had in totaal 25 miljoen US dollars gekost, waarvan 6,5 miljoen kwam van buitenlandse sponsors.



De Borobudur staat nu op de Wereld Erfgoedlijst van de UNESCO.
Wanneer men nu deze tempel bezoekt is men nog steeds bezig met het restaureren. Het geweld van de aardbeving in 2008 deed het gebouw op zijn grondvesten schudden. Hoofden van Boeddha's braken af en versieringen vielen naar beneden. Bij de uitbarsting van de vulkaan Merapi in 2010 kwam het geheel onder een dikke laag as te liggen. Alles werd schoon gemaakt en is de tempel nu in haar schoonheid en onovertroffen constructie weer te bezichtigen.
Tegenwoordig zijn de bezoekers verplicht om een sarong te dragen die men verkrijgt in bruikleen bij het betalen van het entree geld. Buitenlandse bezoekers betalen een aanzienlijk hoger bedrag dan de lokale bevolking.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen