donderdag 3 november 2011

BASILICA CISTERNE ISTANBUL. (DEEL 4)

Onder het begin van het Hippodroom bevindt zich een enorm groot waterreservoir. Het is het grootste Byzantijnse cisterne in Istanbul. Het werd uitgegraven en gebouwd na 542 n. Chr in opdracht van keizer Justinianus. Zo had de stad tijdens belegeringen altijd voldoende water als de toevoer via het Valens aquaduct werd afgesloten.



Het visgraat vormige bakstenen dakgewelf met 65 bij 138 meter en wordt ondersteund door 336 marmeren zuilen, 12 in de breedte en 28 in de lengte. Het wordt ook wel poëtisch de basiliek van de 1001 zuilen genoemd of het verzonken paleis.



Idere zuil is 9 meter hoog. De wanden van het reservoir zijn 5 meter dik en gemaakt van bakstenen die bestreken zijn met een waterbestendige cementlaag.
Als de cisterne volledig gevuld was had men een watervoorraad van zeker 100.000 ton.


Een zeer opvallende zuil, is de zuil van de tranen. Door de vochtigheid in de cisterne is het net of deze constant tranen laat.
In het verleden werd de cisterne gevuld met regenwater en om dit vrij te houden van ongedierte hielden de Byzantijnen er vissen in. Nu komt er op onvoorklaarbare wijze nog steeds zoveel water in, dat men het overtollige op zijn tijd moet wegpompen.




Via een plankier boven het water kan men door de cisterne wandelen naar de achterzijde waar twee zuilen staan die rusten op een liggend- en op zijn kop staand hoofd van de Griekse mythologische godin Medusa. Ze zijn vermoedelijk zo geplaatst door christelijke arbeiders die zo de image en kracht van het figuur te niet wilden doen.



Vroeger stond in het publiekelijk toegangkelijke plein boven de cisterne (Yerebatan) een soort gebouw waar de bevolking water kon halen. De cisterne voorzag de omliggende parken en het Tokapi paleis van water.









Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen