woensdag 25 januari 2012

JAKARTA - DENPASAR. BALI.


JAKARTA - DENPASAR. BALI. 

            INDONESIË 1989.





ZATERDAG 14 JANUARI 1989.

Een weekeinde in Jakarta door te brengen in de regen , deed ons besluiten om naar Bali te gaan.
Na het ontbijt de hoognodige kleding en mijn camera ingepakt voor het weekeinde. Snel nog wat geld gewisseld en na een gezamelijke lunch op het vliegveld om 15.15 uur van Jakarta naar Denpasar vertrokken, waar we om 18.00 uur lokale tijd aankwamen. Bali heeft plus 60 minuten tijdverschil met Jakarta.



Met een taxi naar ons logement 'Yulia Beach Inn' in Kuta gereden, waar we redelijke kamers kregen. s'Avonds met de hele ploeg uit eten gegaan in 'Made's Warung'.

ZONDAG 15 JANUARI 1989.

In de vroege ochtend opgestaan om met de gehuurde Suzuki-jeep naar Ubud te rijden via een landelijke omgeving. De ochtend nevel hing nog tussen de bomen, maar er was al overal bedrijvigheid in de dorpen.















Eenmaal in Ubud eerst uitgebreid koffie gedronken in de 'Lotus Garden', waar we uitzicht hadden op een enorme vijver vol met lotusplanten met bloemen.

















We bezochten eerst een ikat-weverij, waar ik een paar mooie doeken kocht voor thuis, waarna we een bezoek brachten aan 'The Duck Man Of Bali'. In dit bedrijfje worden hoofdzakelijk eenden en vogels in alle standen uit hout gesneden en prachtig beschilderd.





Dus waarom er niet eentje gekocht? Het bleef niet bij eentje, dus werden het eendjes. Het was een benauwde en erg warme dag en het lag niet aan ons, want ook de Balinezen klaagden er over.










In de namiddag waren weer terug in Kuta en na ons wat opgefrist te hebben zijn we naar het Kuta strand gegaan om onder het genot van een koude fles bier te genieten van de zonsondergang. Weer naar 'Made's Warung' gegaan om te eten. Morgen met een deel van de ploeg naar Lombok.














maandag 23 januari 2012

JAKARTA - PUNCAK PAS.





JAKARTA - PUNCAK PASS.

       INDONESIË. 1989.



VRIJDAG 13 JANUARI 1989.

Het was zowaar droog deze ochtend en zodoende belde ik een kennisje of ze zin had om met de auto met me naar de Puncak Pass te rijden.

PUNCAK PASS.


Puncak ( oude schrijfwijze Poentjak) is de naam van een pas die men passeert, als men van Bogor naar Bandung reist. Letterlijk vertaald betekend het 'top'.
Het hoogste punt van deze pas bevindt zich op 1500 meter boven de zeespiegel.


Daar de pas hoog is gelegen en daardoor relatief koel gebied is, was dit al voor de WO II een populair gebied om de hitte van Jakarta te ontvluchten en al snel verschenen er fraaie buiten huizen van de welgestelden. Ook nu is het een geliefd gebied vaar de bewoners uit Jakarta om in het weekeinde naar toe te gaan, wat dan ook kilometers lange files tot gevolg heeft op de smalle slingerende weg.








Het gebied staat bekend om zijn grote koffie en theeplantages die in de 19e eeuw zijn opgezet door de toenmalige Nederlandse kolonialen. Het was een concurrente middel tegen het Engelse monopolie van de thee handel uit Ceylon. (Sri Lanka)
De honderden hectaren koffie en vooral theeplantages liggen er nu nog steeds, maar zijn vrij matig onderhouden.




We hadden eerst nog het plan om wat verder richting Bandung te rijden, maar door de onverwachte zware regenval lieten we dit plan maar varen en keerden voorzichtig rijdend terug naar Jakarta, waar we pas in de vooravond aankwamen.
Het weer zat niet mee sinds ik in Jakarta was aan gekomen.







JAKARTA.



     JAKARTA - INDONESIË. 

                      1989.





WOENSDAG 11 JANUARI 1989.

Laat opgestaan en na een kleine brunch eerst al de post doorgenomen en zo indien nodig beantwoord. Een briefje naar Sibolga geschreven met mijn dank voor het terug bezorgen van mijn Nias souvenirs. Ik trof Torang weer na zijn werktijd en haalden samen de ontwikkelde foto's en dia's af bij de fotograaf.

Nog even bij de kleermaker langs gegaan voor wat veranderingen door te geven en s'avonds met vrienden van Torang uit eten geweest in een Japans restaurant. Het koste die avond moeite om een taxi naar 'huis' te krijgen door de zware regen.
Het was de verdere nacht noodweer boven Jakarta.





DONDERDAG 12 JANUARI 1989.

De gehele ochtend zware regenval en onweer. Het zicht uit de flat waar ik vertoefde was hoog uit 50 meter. Al de straten stonden blank en het verkeer zat volledig vast. Het was een chaos. Zodoende tot ver in de namiddag thuis gebleven en wat zitten lezen.

We hadden afgesproken elkaar, en enige vrienden, weer te ontmoeten voor 'Happy Hour' in de bar van Hotel Indonesië. Aldaar ontmoeten we nog enige bekenden die het weekeinde van plan waren voor zaken naar Bali te gaan. Na veel heen en weer gepraat liet ik me overhalen om met hun mee te gaan naar Bali. De regen in Jakarta was ik spuug zat en ik had nog tijd genoeg eer ik terug moest vliegen naar Nederland, waar het ook winter was.



zondag 22 januari 2012

M.S.KERINCI. PADANG - JAKARTA.


                      M.S.KERINCI. 

           PADANG NAAR JAKARTA. 

                   INDONESIË 1989.



MAANDAG 9 JANUARI 1989.

Het was zeven uur in de ochtend toen we gewekt werden door de hut-steward met de mededeling dat het tijd was voor het ontbijt. Daar we er geen interesse in hadden hem dit medegedeeld en tot een uur of negen door geslapen.
Na een warme douche, wat na weken koud water een luxe was geworden, wat over dek gewandeld en wat buiten zitten lezen tot het tijd was voor de lunch.





In de middag was er een brand- en sloepenrol, maar tot mijn stomme verbazing kwam het merendeel van de passagiers niet opdagen. Het werd me nu ook duidelijk, dat als wat gebeurde met deze schepen, dat er zoveel doden te betreuren zijn, daar men niet weet wat te doen. Ook een groot deel van de passagiers die wel waren komen opdagen, na de voorgeschreven alarmen, stonden er volledig ongeïnteresseerd bij. Ik was wel anders gewend in mijn werk.
Na het diner in de avond betrok de lucht zeer zwaar en was de verdere avond het vuur niet van de hemel af, wat op zee een prachtig gezicht is. We trokken ons terug in de scheepsbar om wat vertier te zoeken en raakten al snel in een leuk gesprek met twee Nederlandse jongens die al enige maanden aan het rond reizen waren door het Verre Oosten. Zo werd het middernacht eer we in onze kooi lagen.



DINSDAG 10 JANUARI 1989.

Het had die nacht behoorlijk geregend en het hemelwater had de dekken van de Kerinci schoon gewassen. In de vroege ochtend passeerden we de vulkaan Anak Krakatua, gelegen in de zeestraat Sunda.




(Sloependek van het m.s. Kerinci.)
















DE KRAKATAU.

Deze enorme vulkaan gelegen in Straat Sunda tussen de eilanden Sumatra en Java explodeerde op maandag ochtend 27 augustus 1883. De berg rees op uit de zee en scheurde open, waarna de zee in het ontstane gat stroomde. Het gevolg was een uitbarsting die catastrofaal was en tot heden de grootste vulkaan uitbarsting is geweest.
Er ontstond een tsunami van ruim 30 meter hoogte. Vloedgolven overspoelden de kusten van Java en Sumatra. Door de enorme vloedgolven werden schepen, waaronder het Nederlandse marinestoomschip Berouw, vele kilometers landinwaarts geslingerd. Een enorme aswolk van 50 kilometer hoogte steeg op en dompelde de gehele omgeving in een diepe duisternis. Duizenden mensen kwamen om het leven.
Door de enorm grote hoeveelheid stofdeeltjes die in de atmosfeer terecht kwamen, aalde wereldwijd het volgende jaar de temperatuur met 1,2 graden celcius. Het geknal en gebulder was tot in Australië en Afrika hoorbaar.
De berg verdween volledig onder het zeewateroppervlak.




ANAK KRAKATAU.

Vertaald 'kind van de Krakatau', verscheen in 1932 op dezelfde plaats waar de vroegere Krakatau had gelegen en vormde al snel een berg die as en zwavel spuwde. Sinds 1950 groeit de Anak Krakatau gemiddeld 13 cm. per week.


Het was na zes uur toen we aanmeerden aan de kade van Tanjung Priok de haven van Jakarta. Met een bus naar het hoofdspoorwegstation gegaan van Jakarta en daarvandaan naar het adres waar Torang woonde. We werden er hartelijk ontvangen en kregen gelijk een stapel post in onze handen gedrukt. Voor mij was er een stevig pakket met daarin mijn souvenirs van het eiland Nias. Na wat bijgepraat te hebben ging ik naar mijn onderkomen, een woning van mensen die ik via mijn werk had leren kennen en die tijdelijk afwezig waren. Hier eerst al de was gewassen en dat was nogal wat.

In de middag eerst wat aan het zicht van Torang gedaan, daar deze alk enige dagen één contactlens miste. Een teleurstelling was, dat toen we de camera van Torang opende om de film eruit te halen, dat deze niet goed was ingelegd en zodoende niet had getransporteerd. Helaas gingen zo heel wat opnamen verloren, wat een aardige tegenvaller voor ons beide was. Verder wat materiaal gekocht om wat broeken en hemden voor mij te laten maken bij de kleermaker. In de avond met vrienden van Torang, die de volgende dag weer ging werken, uit eten gegaan.










BUKITTINGGI - PADANG. WEST-SUMATRA.



        BUKIT TINGGI - PADANG - 

WEST SUMATRA. INDONESIË 1989.


ZONDAG 8 JANUARI 1989.

Na een laat ontbijt onze bagage ingepakt en bij de hotel receptie in bewaring gegeven daar we nog wat rond wilden kijken in de omgeving. We hadden de minibus van het hotel voor een redelijk bedrag voor de rest van de dag gehuurd om niet afhankelijk te zijn van lokaal transport naar Padang later op de dag.





Zowaar was het VOC fort de Cock open maar veel bijzonders viel er niet te zien tijdens deze restauratie werkzaamheden en zo gingen we in de richting van de Sianok Canyon en genoten daar van het overweldigende uitzicht van het door de natuur geschapen landschap.




Helaas ontbrak het ons aan tijd om daar een tocht doorheen te maken, maar wie weet komt dat ooit nog eens.Om 12.30 vertrokken we met het busje in de richting van Padang wat een rit was van 108 kilometer.




Het was een prachtige reis door het landschap waar diep in het dal geen sawa's lagen maar viskwekerijen. Halverwege een korte stop gemaakt om wat te eten en verse klappermelk te drinken.




Na onze aankomst in Padang eerst naar de haven gereden om daar onze kaartjes te kopen voor de bootvaart naar Jakarta. Met het busje nog wat rond gereden door Padang en de lokale pasar bezocht. Na een goed diner rond een uur of zeven weer naar de haven gereden en afscheid genomen van onze chauffeur.








Daar we eerste klas kaartjes hadden gekocht hadden we in het stationsgebouw een aparte wachtkamer gescheiden van de overige passagiers, welke in een ruimte zaten samengepakt, wat de meer een aanblik gaf van een overbevolkte mierenhoop.

Om 21.00 uur zijn we aan boord gegaan van het m/s Kerinci van de Pelni Line, welke al haar schepen de naam van een vulkaan uit Indonesië heeft gegeven. Het was even zoeken naar onze twee- persoons hut. De hut zag er keurig uit met twee gescheiden kooien, eigen toilet en badruimte, klein bureau met radio en tv. Een maal een beetje ingericht eerst een warme douche genomen, wat een waar luxe was, om het vuil van de afgelopen dagen er eens goed af te boenen. Bij het vertrek naar de laatste lichten van Padang gekeken en daarna een rondgang over het schip gemaakt, waarbij ik Torang wees op de veiligheidsvoorschriften.


Na een potje bier aan de scheepsbar te hebben gedronken terug naar onze hut gegaan. Ik kon de slaap niet vatten en ben wat over het schip aan het zwerven gegaan en kwam dan ook ook de brug terecht. Hier stond men versteld van mijn nautische kennis ondanks dat ik zelf in de technische dienst werkte en zo werd er voor me ook een bezoek aan de machinekamer geregeld. Eindelijk weer terug in de hut viel ik als een blok in slaap.



 (De Sianok Canyon)

zaterdag 21 januari 2012

BUKITTINGGI. WEST-SUMATRA. (Deel 3)






BUKIT TINGGI. WEST SUMATRA.

          INDONESIË 1989. (3)



Zaterdag 7 januari 1989.


Van ochtend al de winkels en de markt afgezocht naar een mooie betaalbare weefdoek. Uiteindelijk er een gevonden die ons wel aanstond, maar waarvan niets af viel te dingen, daar de prijs ons veel te hoog lag. Zodoende besloten we om maar terug te gaan naar het dorpje Pandai Sikat.



Intussen waren we door een onverwachte regenbui door en door nat geregend en zijn eerst terug gegaan naar ons hotel om wat droge kleding aan te trekken en alle natte troep te drogen te hangen. We raakten langzaam door al onze schone kleding heen.











s'Middags na een stevige lunch met een lokale minibus weer naar Pandai Sikat gereden om daar mijn weefdoek te kopen. Torang zag nog kans na veel heen en weer gepraat de prijs nog naar beneden te krijgen tot Rp. 110.00, maar het was de moeite waard.







De natuur langs de weg stond na de regenbui volop in bloei in allerhande kleuren en soorten bloemen.

                                                 ( De fraaie weefdoek uit Pandai Sikat.)

Voor deze avond hadden we via het hotel kaartjes gekocht om naar een uitvoering van de traditionele volksdans te gaan kijken, wat echt de moeite waard bleek te zijn en ik er spijt van had dat ik mijn camera niet had meegenomen. Na de show in de stad nog wat gegeten en gedronken waarna we terug keerden naar ons hotel.

Afgelopen middag getracht bij een reisbureau om bootkaartjes te kopen voor de vaart van Padang naar Jakarta, maar het bleek beter te zijn dit aan de haven in Padang te regelen.

Dit was op de eerste plaats goedkoper dan vliegen en je had de tijd om wat tot rust te komen.









BUKITTINGGI. WEST-SUMATRA. (Deel 2 )





BUKIT TINGGI. WEST SUMATRA. 

       INDONESIË 1989. (2)



VRIJDAG 6 JANUARI 1989.


Na het ontbijt eerst wat valuta gaan wisselen voor de komende dagen. Voor deze dag huurden we een klein busje van het hotel, wat goedkoper was dan een dagtoer en we daarbij vrij waren te gaan en te staan waar we dat wensten.

Vanuit Bukit Tinggi reden we eerst naar Tabek Patah, waar we een prachtig uitzicht hadden over landschap. Hierna vervolgden we onze weg naar Batu Sangkar waar we een traditioneel huis bekeken uit de Minangkabau cultuur en bezochten hierna om in de sfeer te blijven het koningspaleis uit de 14e eeuw en van de zelfde cultuur in Pararuyung.






Zowel het paleis als het interieur was prachtig om te zien en gaf een indruk hoe men toen al in fraaie stijl leefde als vorst.

In het plaatsje Lima Kaum maakten we een stop bij een plaats waar nog een paar enorme stenen liggen met het zeer oude Sanskrit schrift er op.






Zo reden we verder door het prachtige landschap en stopten in Sungai Tarab waar we een door water aangedreven stampkoffiemolen bezochten en ook wat van deze zeer pittig ruikende koffie kochten.










Via het dorpje Balimbing, dat volledig door de natuur ligt ingesloten en waar de tijd stil is blijven staan en de mensen nog wonen in huizen uit de Minangkabau cultuur reden we naar de Ombilin rivier en het Singkarak meer.



Aan de oever van het prachtige meer een koel pilsje gedronken, waarna we terug reden in de richting van Bukit Tinggi via het dorpje Pandai Sikat. Hier worden de traditionele huwelijk-sarongs geweven bij de dorpelingen thuis. Dus daar eens een kijkje genomen. Ik liet mijn oog vallen op een mooi stukje weefwerk, waar men drie maanden aan werkte eer het klaar was, en vroeg of dit te koop was. Eerst wilde men het niet verkopen daar de slendang, de lendendoek nog niet klaar was. Maar dat maakte mij niets uit.Uiteindelijk konden we het niets eens worden over de prijs en besloten zodoende de volgende dag in Buklit Tinggi eens rond te kijken of we daar iets van mijn gading konden vinden. Zo niet dan weer terug naar de weverij in Pandai Sikat.

Na aankomst in het hotel eerst de vuile was gewassen en onder het genot van een koel biertje genoten van het uitzicht alvorens uit eten te gaan. Het was een interessante dag geweest.


                                                                      (Vervolg deel 3)






vrijdag 20 januari 2012

BUKITTINGGI. WEST-SUMATRA. (Deel 1)



BUKIT TINGGI. WEST SUMATRA. 

            INDONESIË 1989. (1)




DONDERDAG 5 JANUARI 1989.


Rond een uur maakten we onderweg ergens in een zwaar bebost gebied bij een soort chauffeurs rustplaats een korte stop om een bak zwarte koffie te drinken en wat tot rust te komen.
Zo spraakzaam als we allemaal in het begin van de rit waren geweest, zo stil was het op het laatste deel van onze reis naar Bukit Tinggi. Bij de plaats Bonjol waren we die nacht de evenaar overgestoken naar het zuidelijke halfrond maar door de hobbelige weg hadden we deze 'hobbel' gemist!
Het was vijf uur geweest toen we in Bukittinggi aankwamen en wisten er een slaaplaats te vinden. Het Duitse echtpaar vervolgde hun weg naar Padang.
Na ons ontbijt en een gesprek met de ander gasten in het logement besloten we om van logem ent te verhuizen, daar we allemaal van de zelfde badruimte en toilet gebruik moesten maken en het er zeer gehorig was.



                                                   ( Uitzicht vanaf ons hotel terras.)






Zo kwamen we terecht in het hotel 'Mountain View', waar we maar omgerekend drie gulden meer betaalden voor een ruime kamer met badhok en toilet en daarbij een prachtig uitzicht over de bergen en het landschap vanaf ons kamer terras.






In de middag maakten we een kleine tocht in het landschap rond Bukit Tinggi en bezochten we een natuurlijke grot op een bergtop met stalacmieten en stalactieten 'Ngalan Indah'. In deze grot leven kleine vogeltjes die alleen s'nachts uitvliegen.






Onderweg naar de Harrau Valley maakten we een stop bij een klein fabriekje waar Ze gekleurde kroepoek maakten welke gewoon langs de weg lag te drogen. Het was wel een kleurrijk gezicht.






























De Harrau Valley is omringt door door kaarsrecht uit het landschap op rijzende rotsen waartussen een kleine rivier zijn weg vindt en omringt is met sawa's voor de rijstcultuur. In de verte konden we de vulkaan Merapi zien liggen met een hoogte van 2891 meter.
Op ons gemak hier en daar wat opnamen gemaakt.


Om half zes waren we weer terug in Bukit Tinggi en trachten een bezoek te brengen aan het oude VOC fort de Kock, maar dit was gesloten wegens werkzaamheden. Na nog wat rondgewandeld te hebben keerden we terug naar ons hotel, waar we onder het genot van een pilsje genoten van het fraaie uitzicht over het landschap.


s'Avonds in de stad uit eten gegaan en vroeg naar bed na een slaap tekort van de afgelopen nacht. Het is in Bukit Tinggi s'nachts zeer koel, daar de stad zo'n 930 meter boven zee niveau ligt.



SIBOLGA - BUKITTINGGI. WEST-SUMATRA.



    SIBOLGA - BUKIT TINNGI 1989.

     INDONESIË - WEST SUMATRA.


WOENSDAG 4 JANUARI 1989.


Deze ochtend laat opgestaan, brieven en aanzichtkaarten gepost en valuta omgewisseld voor rupiah. Torang kookte samen met zijn moeder een heerlijke lunch met prachtige garnalen. Ik liet het me goed smaken. Toen ik na de lunch mijn bagage bijeenzocht en ging inpakken begon Torang dat ook te doen, waarbij ik er vanuitging, dat hij met de bus naar Medan zou reizen om daar het vliegtuig te nemen naar Jakarta. Lachend werd me medegedeeld dat de
eindbestemming wel Jakarta was, maar dan wel via Bukit Tinggi en Padang. Hij zou met me mee gaan en had zijn werkgever telefonisch om extra verlofdagen gevraagd.
Intussen met behulp van de familie een klachtbrief geschreven over de slechte behandeling door de politie aan de haven en het inbeslag nemen van mijn eigendommen. Ik deelde duidelijk mede dat ik dit niet van een gastvrijland had verwacht en gaarne weer in het bezit zou komen van mijn eigendommen.



De zwager van Torang kwam gedag zeggen met de mededeling dat mijn souvenirs niet meet op het havenkantoor waren maar nu op het hoofdbureau van politie en ik deze wel terug zou krijgen nu ze ontdekt hadden dat ze aardig in de fout waren gegaan. Hij beloofde ze op te sturen naar Torang's postadres in Jakarta. Bij een hartelijk afscheid van de familie kreeg ik van de moeder van Torang een originele Batak Ulos als geschenk. Ik moest beloven nog eens terug te komen.
Overladen met de beste wensen vertrokken we naar het busstation om 16.00 uur.


Op het busstation verkochten ze nog geen plaatsbewijzen, daar het nog niet bekend was of er nog plaats was in de bus. In de wachtkamer ontmoeten we een jong Duits echtpaar, dat we op Pulau Nias hadden ontmoet en die in Padang bleken te werken. De bus zou volgens schema om 17.00 uur uit Sibolga vertrekken, maar om 20.00 uur was er nog steeds geen bus aangekomen. Zodoende besloten we om samen met het Duitse paar een coperatie-taxi te huren, daar we anders wel heel de nacht konden wachten op de bus. Het zou in ieder geval meer reis comfort geven. Terwijl we gezamenlijk wat gingen eten regelde Torang het vervoer en zo konden we dan om 21.00 uur uit Sibolga vertrekken naar Bukit Tinggi in West-Sumatra een rit van 381 km.


Zo ging onze reis over een smalle slingerende bergachtige route door de wouden van Sumatra over een enorm slecht wegdek in een aarde donkere nacht.