donderdag 12 januari 2017

Zr. Ms. 'CURAÇAO' EEN POSTBOOT.

ALS EERSTE DE OCEAAN OVER

EN TERUG ONDER STOOM.



Zr. Ms. STOOMPAKKET VAN OORLOG 'CURAÇAO'.

Reeds lang voordat in andere landen sprake was van een geregelde postverbinding per stoomschip, was het koning Willen I,  van het Koninkrijk der Nederlanden, die reeds in 1824 zijn regeringsorganen opdracht gaf de uitvoerbaarheid en voordelen van een geregelde rijks-stoom-pakketdienst tussen het moederland en de bezittingen in Amerika te onderzoeken.
Aangezien het in Nederland nog niet mogelijk was een dergelijk schip te bouwen werd besloten de in 1825 in Engeland zo goed als afgebouwde 'Calpe' van 438 ton aan te kopen.
Het schip werd op 24 oktober 1826 door de Nederlandse Marine aangekocht van de American & Colonial Steam Navigation Company. Na enkele wijzigingen en voorzieningen kwam het schip in de vaart als Zr. Ms. Stoom Pakket "Curaçao'.

Het als driemastgaffelschoener getuigde schip vertrok op 26 april 1827 onder bevel van Luitenant ter Zee Ie klasse J.W.Moll uit de haven van Hellevoetsluis.
Buiten de bemanning van 42 koppen waren er passagiers aan boord voor de oversteek naar West-Indië. Verder verschillende goederen voor de schepen in de West en, niet te vergeten de post.
De reis werd gemaakt via de Golf van Biskaje, langs Kaap Finisterre naar het eiland Madeira, vanwaar de oversteek werd gemaakt naar de vaste wal van Zuid-Amerika.
OP 24 mei 1827 liet de 'Curaçao' het anker vallen op de Surinamerivier voor Paramaribo.
Tijdens de oversteek was er een groot aantal dagen gebruik gemaakt van de stoommachines.
De kinderziekten was men nog niet geheel te boven. De stoomketel en de schepraderen gaven moeilijkheden, terwijl ook de geleverde steenkool niet van goede kwaliteit bleek te zijn.
Van Paramaribo ging de reis vervolgens verder naar Willemstad op het eiland Curaçao.

Het schip vertrok op 3 juni van de Surinamerivier en op 8 juni stoomde de 'Curaçao' reeds het Schottegat te Willemstad binnen.
Nadat de machine installatie geheel was nagezien en de kolenvoorraad was aangevuld, kon op 6 juli de terugreis naar Nederland worden aanvaard. Tijdens deze terugreis had het schip met veel tegenwind te kampen, maar kwam het op 4 augustus veilig aan op de rede van Hellevoetsluis. De eerste reis van Nederland naar West-Indië met het stoomschip was volbracht.
De stoommachine werd zo vaak gebruikt dat men de 'Curaçao' kan beschouwen als het eerste schip dat de Atlantische Oceaan onder stoom in beide richtingen is overgestoken.

Terecht vermeld Moll in zijn rapport een de minister van Marine:

"Hebbende derhalve den overtocht van Curaçao in 29 etmalen afgelegd van welke tijd drie en twintig dagen de machines werkzaam zijn geweest en slechts zeer weinig dagen met voordelige wind gezeild is. Door het onbestendige weer als ook het lekken van de ketel is veel tijd verloren gegaan en ofschoon deze reis deze reis niet zo voorspoedig is afgelegd geworden dan men zich mogelijk had voorgesteld had zo behoort echter de eer alleen aan de "Nederlanders als de eerste te zijn geweest onder wiens vlag de reis naar de Indiën en terug door een stoomschip volbracht is.


De zo begonnen geregelde stoom-maildienst moest reeds in 1830 worden gestaakt, toen wegens het uitbreken van de Belgische opstand de 'Curaçao' in de Nederlandse wateren nodig was. In de jaren rond 1840 maakte het schip, met zeer onregelmatige tussenpozen, weer enige reizen naar West-Indië.
In 1846 werd het schip uit de vaart genomen en afgekeurd voor verdere dienst op zee.
Zo kwam na een periode van 20 jaar een einde aan het bestaan van Zr. Ms. Stoom-packet van oorlog 'Curaçao'. De machines werden er uit genomen om in een nieuw schip te worden ingebouwd. 



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen