zaterdag 1 december 2012

SUNETTA.M.S. SHELL TANKERS B.V. ( DEEL 6/2 )

M.S.SUNETTA.

28 MAART 1993 T/M 21 AUGUSTUS 1993.



( Hoog en droog lag de Sunetta in het reparatiedok te Bahrein.)


( Met hogedrukspuiten werd de scheepshuid gereinigd.)


( Aan beide zijden zat de scheepshuid onder de zwarte strepen van het rubber van de autobanden die de lichtertankertjes gebruikten als stootwillen.)



( De schaduw van de fotograaf.)

( Dag en nacht ging het werk door.)



( Een scheepsbrug die er meer uitzag als een ruimteschip had de opgelegde bulkcarrier bij de dokwerf.)

Gelukkig was er ook nog gelegenheid om even de wal op te gaan en in de omgeving van de dokwerf eens rond te kijken.

Het was een heel ander Bahrein achter de facade van de moderne torenflats, bankgebouwen en dure luxe hotels.


 Hier woonden dan de arbeiders die trachten enige vruchten mee te pikken van deze rijke oliestaat.



Potten, pannen en ketels werden hier nog echt met de handgemaakt voor de gewone bevolking. We mochten rustig rondkijken en werden niet lastig gevallen door souvenirskooplieden en werden daar we onze belanstelling lieten blijken voor het handambacht uitgenodigd voor een kopje zwarte zeer sterke en zoete Arabische koffie.



( Het voorschip zit weer netjes in de verf.)


( Het dok naast ons werd gereed gemaakt voor een nieuw schip en hiervoor moesten de blokken op de juiste plaats komen te liggen.)


( De bladen van de scheepschroef waren van de beschadigingen ontdaan.)



 ( De Sunetta weer netjes in de verf gereed om het droogdok te verlaten op 22 juli 1993.)


( In de machinekamer was er hard gewerkt om alles netjes in de verf te krijgen.)

Na de reparatie periode te Bahrein werd er  wederom voor Mombasa geladen en zo bleek dat de boei die in de vaar route naar de haven ontbrak voordat het schip aan de grond liep er nog steeds niet was terug gelegd.


( Naar het maximaal aantal toegestane passagiers en vracht op de veerboot werd echt niet gekeken.)



( Donkere regenwolken pakken zich samen boven het Afrikaanse land Kenya.)



Na veilig onze lading gelost te hebben lieten we deze onheilshaven op 8 augustus 1993 achter ons liggen en gingen naar Jeddah in Saudi ArabiĆ« om te gaan laden. Het was opvallend dat er niemand van de opvarenden er behoefte aan had tijdens het binnenliggen om in Mombasa de wal op te gaan. We hadden erg allemaal nog een vieze smaak van in onze mond. In Jeddah S.A. zou ik met verlof gaan.

Dat dit allemaal nog een staartje zou hebben, en wel een heel lang staartje, was wel duidelijk. Want wie was er uitendelijk schuldig aan het feit dat het schip aan de grond liep en wie ging er voor de kosten opdraaien van 3,5 miljoen US dollar?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen