zondag 7 juni 2009

De Sagoplam en haar produkten.


SAGOPALM.
Deze palm kan wel 20 meter hoog worden en een stamdikte krijgen van 60 centimeter. De plam komt vooral in het vochtige laagland van Zuidoost-Azië voor tot in Oceanië. Van oorsprong komt de palm van de Molukken waar ook deze opnamen zijn gemaakt
De palm heeft een soort geveerde bladeren die wel zeven meter lang kunnen worden. De onderste blaadjes zijn meer van elkaar verwijderd en wijd afstaand, de bovenste deelblaadjes staan veel dichter op elkaar en wijzen meer naar voren.
De bladeren worden gebruikt om de lokale daken van de huizen mee te bedekken en deze bedekking blijft soms wel meer dan zeven jaar goed, wat dus een duurzame dakbedekking genoemd mag worden.






De sagopalm is een snelgroeiende palm en bevat in zijn stam veel zetmeel wat een belangrijk voedingsmiddel is voor de lokale bevolking,
Als de palm zo'n tien tot twintig jaar oud is wordt deze voor de bloei gekapt, waarna het merg uit de stam wordt geklopt.
Dit merg wordt met water vermengt tot een vloeibare pulp, waarna het wordt uitgefilterd. Na het uitdrogen van het vocht blijft het zetmeel over.
Het is een zwaar en tijd rovend werk.





Van het zetmeel (wij kennen hier in Europa een goedkopere variant het aardappelmeel) worden in met de hand gemaakte rechthoekige stenen vormen met meerdere vakjes een soort brood gebakken.
Deze opnamen zijn gemaakt op het eilandje Saparua wat bij het meer bekende eiland Ambon ligt in de zuidelijke Molukken.






De palm zal na de kap verder groeien uit nieuwe scheuten bij de voet. Ook laat deze zich gemakkelijk vermeerderen door scheuten weg te nemen bij de voet en weer uit te planten.
De zaden welke eivormig zijn, 4,5 cm lang, en dicht bedekt met geelbruine schubben bevatten maar één zaadnoot. Helaas ontkiemen deze zaden niet of zeer langzaam, na vaak langer dan zes maanden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen