donderdag 7 augustus 2014

VUURTOREN - LIGHTHOUSE - LEUCHTURM. (DEEL 3)

EEN BAKEN AAN LAND VOOR DE ZEEMAN OP ZEE. (3)

HET LICHT.

Aan de Brandaris de vuurtoren van het Waddeneiland Terschelling is nog duidelijk te zien dat voor het lichthuis er op werd geplaatst, dat hierop een vuur werd gestookt. De Brandaris is de oudste vuurtoren van Nederland. De huidige toren is de tweede Brandaris. De eerste Brandaris werd in 1323 gebouwd om de schepen door de nauwe doorgang tussen Vlieland en Terschelling te begeleiden op hun weg naar Amsterdam via de toenmalige Zuiderzee.
De 'Zee neemt en de zee geeft' luidt een oud gezegde en zo v rat de zee delen van het eiland Terschelling weg met als gevolg dat de eerste Brandaris in 1570 in zee stortte. Pas in 1592 begon men aan de constructie van de tweede Brandaris, maar deze stortte in voordat hij klaar was. De huidige Brandaris, een toren met een hoogte van 53,7 meter en een lichthoogte (boven zeeniveau) van 55,5 meter dateert uit 1593. De toren kent zes verdiepingen en een trap met 225 treden leid naar de top. Het is een bemande toren.
In het begin werd op de toren een houtvuur gestookt dat door spiegels werd weerkaatst. Later werden er olielampen gebruikt maar tegenwoordig sinds 1920 wordt elektrisch licht als de spitsbooglamp of de gloeilamp toegepast. Lenzen en spiegels bundelen het licht. Nu worden de Fresnel-lenzen gebruikt.
De gebruikte gloeilampen met een diameter van 30 cm. en zeer hoog vermogen werden speciaal bij Philips in Eindhoven vervaardigd. Na 1000 branduren werden de lampen vervangen, zodat steeds een helderheid gegarandeerd is. 

DE FRESNEL-LENS.

De Fresnel-lens is vernoemt naar de Franse natuurkundige Augustin Jean Fresnel die baanbrekend werk verrichte inzake de theorie van de voort planting van licht.
Hij ontwierp deze lens, die een grote verbetering voor de vuurtorens met zich bracht, daar deze trap-lens geen sferische aberratie vertoonde.








De lens is aan een zijde plat en heeft aan de andere zijde ringvormige prisma's die concentrisch zijn aangebracht. Dit heeft tot resultaat dat er een veel ruimere lichtspreiding tot stand komt en een veel helder licht.
Op 20 juli 1823 werd de vuurtoren van Cordouan aan de monding van de rivier de Gironde een door Fresnel ontworpen draalicht in gebruik genomen. Dank zij het nieuwe optische systeem, waardoor een concentratie van de lichtbundels werd verkregen was de lichtstraal van de vuurtoren zichtbaar vanaf een afstand van 61 kilometer wat voor die tijd hooguit een afstand was van maximaal 22 kilometer.
Fresnel stelde ook een programma voor de bebakening van de Franse kust door middel van vuurtorens.
De lens vond ook zijn gebruik in de scheepsnavigatie verlichting en heden ten dagen in de signaal verlichting van de auto industrie.
                                                                                                                        



De vuurtoren van Cordouan aan de monding van de rivier de Gironde is gelegen op een zandplaat welke bij hoog water onder water staat en de fundatie van de toren een eiland wordt. 
Iedere vuurtoren heeft zijn eigen kenmerk in uitstraling van het licht, wat wordt verkregen door de draaioptieken welke de tijd bepalen van het uitstralen van het licht. Zo kan de eerste lichtstraal slecht één seconde duren en de tweede licht straal vier seconden. Zo kan er geen misverstand ontstaan wat welke toren is aan de kust.


                                                   ( Een Fresnel-lens in een ankerlicht.)

( zie vervolg deel 4)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen