dinsdag 9 februari 2016

AZIË. LANDEN, VLAGGEN EN WAPENEMBLEMEN. (DEEL 4)


HET GROOTSTE WERELDDEEL

VAN ONZE PLANEET AARDE. (4)

AZIË.




EGYPTE. (SINAÏ)

Officieel de Arabische Republiek Egypte.
Dit land werd reeds beschreven in het artikel Afrika.
De grens tussen Afrika en Azië is het Suezkanaal, waardoor de Sinaï woestijn in Azië ligt.
Deze woestijn wordt begrenst door de Middellandse Zee in het noorden , in het oosten door de Negevwoestijn (Israël) en de Golf van Akaba, in het zuiden door de Rode zee en in het oosten door de Golf van Suez en het Suezkanaal en heeft een oppervlakte van 60.000 km².
Het is in feite een schiereiland met het Sinaïgebergte en -woestijn.
De Sinaï maakt deel uit van de 'Great Rift Valley', wat een grote breuk in de aardkorst is vanaf Oost-Afrika door de Rode Zee, de Golf van Akaba naar de Dode Zee in de Vallei van Jordanië loopt.
Het gebied wordt opgedeeld in twee provincies; de Noordelijke- en de zuidelijke Sinaï. De hoofdstad van het gebied is El Arisch gelegen aan de Middellandse Zee vlakbij de Gazastrook.


De bekendste berg is de Sinaïberg, waar volgens de overlevering Mozes van God de toen geboden kreeg. De hoogste berg is de Katherinaberg met 2929 meter. 
Het gebied is verscheidene keren een toonbeeld van strijd geweest. In 1956 na de Suezcrisies met het gevolg hiervan de Zesdaagse Oorlog in 1967 waarbij Israël het gebied veroverde. En in 1973 gedurende de Yom-Kippur Oorlog, waarbij Egypte een mislukte poging deed het gebied te heroveren.
In 1978 na de Camp Davidakkoorden trok Israël zijn troepen terug uit het gebied.
De grootste bron van inkomen is het toerisme aan de kust van de Golf van Akaba, de nomadische veeteelt; schapen, gieten en kamelen.


FILIPIJNEN.

Officieel de Republiek der Filipijnen. Het is een land in Zuidoost-Aziè.
De Filipijnen is een archipel van  7107 eilanden. De twee grootste eilanden Luzon en Mindanao hebben samen 2/3 van de oppervlakte van het land. Het land heeft een totale oppervlakte van 300.000 km².
De hoofdstad is Manilla en de landstaal is Filipijns en Engels.  
De Filipijnen zijn volledig omringt door water, in het oosten de Celebeszee, in het zuiden en zuidwesten de Suluzee en in het westen en noorden de Zuid-Chinese Zee.
De dichtbij gelegen landen zijn zijn: Vietnam in het westen; China in het noordwesten; Taiwan in het noorden en Indonesië, Maleisië en Brunei in het zuiden.
Het land is onderverdeeld in 81 provincies welke weer samen 16 regio's vormen. Er is een 17 regio, National Capital Region, welke niet in onderverdeeld in provincies, maar bestaat uit 16 steden en gemeenten rondom Manilla.


De eerste bewoning van het eilanden rijk dateert uit 50.000 jaar geleden. Deze bewoners zijn vermoedelijk vanuit Indonesië gekomen, maar ook door de later handel met Chinese handelaren, ook van het Chinese vasteland. In de 15e eeuw werd het eerste sultanaat gesticht.

In 1521 kwamen de Spanjaarden op de eilanden tijdens een expeditie onder leiding van Magellaan. Ondanks een nederlaag bij gevechten tegen de lokale bevolking bij Cebu bleven de Spanjaarden interesse tonen voor het gebied. In 1565 begonnen de Spanjaarden met kolonisatie. Hiervoor voerden de Spanjaarden troepen aan uit Nieuw-Spanje (Mexico) en gebruikten Manilla na verovering ervan als een depot voor hun handel met China. Een speciale vloot van Spaanse galjoenen (Manillagaljoenen) stak twee keer per jaar de Stille Oceaan over om deze goederen van de Filipijnen naar Nieuw-Spanje te vervoeren.
Na 300 jaar Spaans bestuur brak in 1896  de Filipijnse revolutie uit, maar deze mislukte. Toen in 1898 de Spaans-Amerikaanse Oorlog uitbrak zagen de revolutionairen opnieuw hun kans en op 12 juni 1898 werd de onafhankelijkheid uitgeroepen.  Zowel de Spanjaarden als de Amerikanen weigerden deze onafhankelijkheid te erkennen en de Amerikanen namen Manilla in.
Daar het er naar uitzag dat de Amerikanen de Filipijnen als een kolonie zouden gebruiken, namen de spanningen snel toe. Het gevolg was de Filipijns-Amerikaanse oorlog deze duurde van 1899 tot 1913, met diverse rustige periodes daartussen.
De Filipijnen in 1935 werden een soort gemenebestland onder de Amerikaanse regering.
Pas kort na de WO-II op 4 juli 1946 werden de Filipijnen echt onafhankelijk en werd het land een republiek.



Het landschap van de eilanden wordt gedomineerd door heuvels en bergen, waaronder enkele tientallen nog actieve vulkanen.
Slechts een kleine 35% van het land is vlak.
Landbouw is van oudsher de belangrijkste sector in de economie van de Filipijnen. De belangrijkste daarvan zijn rijst, mais, kokosnoot, suikerriet, koffie, en vruchten als banaan, ananas en mango.
Ook visserij is erg belangrijk.




VLAG VAN DE FILIPIJNEN.

De vlag van de Filipijnen bestaat uit twee horizontale banen in de kleuren; boven blauw en onder rood. Aan de linkerzijde de hijszijde is een witte gelijkbenige driehoek  met centraal daarin de zon en in de punten een gele ster.
De vlag symboliseert "de ziel van de Filipino en de liefde voor het vaderland". De witte driehoek staat voor gelijkheid. De acht stralen van de zon staan voor de acht provincies die als eerste de wapens opnamen tegen de Spaanse overheerser.
De drie sterren staan voor het eiland Luzon met de eilanden er omheen, de eilandengroep Visayas en het eiland Mindano met de eilanden er omheen.
De Filipijnen kennen ook een oorlogsvlag op zee. Deze vlag heeft als verschil met de nationale vlag de bovenste baan in het rood en de onderste in het blauw.

WAPEN VAN DE FILIPIJNEN.

Centraal in het wapen staat een ovaal wit vlak met daarin de zon.
In het witte deel daarboven drie gele sterren als in de vlag
Op het blauwe deel linksonder staat de adelaar van de V.S. afgebeeld en op het rode deel rechtsonder de leeuw van Spanje.  Deze afbeeldingen zijn ter nagedachtenis aan de twee kolonisatoren van het land.
Op het witte lint onder het schild staat de tekst; "Republiek van de Filipijnen".



GEORGIË.

Officieel de Republiek Georgië. Het ligt ligt in Zuidwest-Azië en is omringt door de landen Rusland, Azerbeidzjan, Armenië, Turkije en de Zwarte Zee.
In Georgië liggen twee autonome regio's Abchazië en Zuid-Ossetië.
Het land heeft een oppervlakte van 69.700 km²; de hoofdstad is Tbilisi en de landstaal is Georgisch.

Georgiërs noemen zichzelf "Kartvelebi", hun land Sak'art'velo, en hun taal Kartuli. Deze namen zijn afkonstig van de heidense leider Kartlos, kleinzoon van de Bijbelse Jafet, die beschouwd wordt als de vader van alle Georgiërs.
Volgens archeologische vondsten was de oostelijke regio 5000 jaar v.Chr. reeds bewoond. Het westelijke deel van Georgië was in de 7e eeuw v.Chr. bekend als het koninkrijk Colchis.
In de 4e eeuw bestond in de oostelijke bergstreek het koninkrijk Iberië. Deze beide koninkrijken zijn verscheidene keren geannexeerd door Perzische dynastieën. In 65 v.Chr. werd het gebied veroverd door de Romeinen en werden beide koninkrijken vazalstaten van het Romeinse Rijk.
In 337 werd het christendom de officiële godsdienst van het land.


Het land kende een ware bloeitijd, waaraan een einde kwam in 1220 door de inval van de Mongolen.
Na Alexander I (1412-1443), de laatste koning van geheel Georgië werd het land verdeeld in kleine vorstendommen. Uit twee daarvan ontstond in 1762 het nieuwe koninkrijk Kartli-Kachetië.
Tot 1804 kreeg het land te maken met Turkse en Perzische invallen. Het zocht steun bij tsaar Paul I in 1900 en dit betekende het einde van de monarchie. In 1804 werd het land een onderdeel van het Russische Rijk. en werd door de Russische Revolutie tussen 1918 en 1921 een deel van de Sovjet Unie. Bij het uiteenvallen van de Sovjet Unie in 1991 ontstond de republiek Georgië.
In het land wordt mangaan en steenkool gewonnen. Toerisme is er vooral in de wintersport gebieden en langs de Zwarte zee waar de kuuroorden in trek zijn. Op de berghellingen langs de Zwarte Zee wordt veel citrusfruit, thee, tabak en druiven geteeld. Het land kent meer dan 540 druivensoorten.


VLAG VAN GEORGIË.

De vlag heeft de bijnaam 'vijfkruisvlag'. Op het witte veld zijn vijf rode kruisen afgebeeld met als grootste kruis het Sint-Joriskruis.
Dit kruis deelt de vlag in vier vakken met daarin weer een rood kruis pattée.
De vlag is na de rozenrevolutie van 2003 in 2004 in gebruik genomen.



WAPEN VAN GEORGIË.

Het wapen werd aangenomen op 1 oktober 2004. het is gebaseerd op het middeleeuwse wapen van het koninklijk Huis Bagrationi.
Op een rood wapenschild staat Sint-Joris afgebeeld in strijd met de draak. Sint-Joris is de patroon heilige van Georgië.
Het schild wordt gedekt met een koningskroon en gedragen door twee leeuwen.
Onder het wapen op een lint de tekst in het Georgisch als wapenspreuk "Eendracht Maakt Macht".


INDIA.

Officieel de Republiek India. het land is gelegen in Zuid-Azië en is na China het meest bevolkte land ter wereld.
De naam is afgeleid uit het Sindhu, de lokale naam voor de rivier de Indus, in het Sanskriet ind: druppel.
De persen noemden vroeger een deel van het land Hindoestan, het land aan de Indus.
India is voor het grootste deel een schiereiland. Het land grenst in het westen en zuiden aan de Indische Oceaan. In het oosten aan de Golf van Bengalen. In het noorden, van west naar oost, aan Pakistan, China, Tibet, Bhutan, Myanmar en Bangladesh.
In het zuidoosten in de Indische Oceaan ligt de staat Sri Lanka en in het zuidwesten de eilanden groep Maldiven.
Het land heeft een oppervlakte van 3.287.263 km². De hoofdstad is new Delhi en de voertaal is Hindi en Engels.
Het land is onderverdeeld in 29 staten, 6 unieterritoria en 1 hoofdstedelijk territorium.
Voor de natuurlijke situatie kan men het land in drieën delen. Het noordelijke deel is zeer bergachtig met een gedeelte van de Himalaya bergketen met als hoogste punt Kanchenjunga met 8598 meter, met uitlopers als het Pamir en Karakoram gebergte.
Het middendeel van het land kent vlaktes met de grote rivieren als de Ganges en de Brahmaputra die ontspringen in de Himalaya. In het westelijke gedeelte ligt de Tharwoestijn.
Het zuiden van het land is een groot plateau genaamd het Dekan.
India is de bakermat van meerdere grote religies, waaronder het hindoeïsme, boeddhisme en het sikhisme.


De vroegste tekenen van bewoning zijn rotsbewerkingen welke stammen uit 40.000 jaar geleden. Een van de oudste beschavingen was de Indusbeschaving en deze had haar hoogtepunt tussen 2600 en 1900 v.Chr.
Van 300 tot het jaar 500 was India deel van het Gupta-rijk. Na de val hiervan werd het groot rijk door de Chalukya gesticht. In 1526 vestigde zich het Mongolrijk zich in India.

Het waren de Portugezen die als eerste Europeanen in India voet aan wal zetten en zij vestigden daar de Goa kolonie. Vanaf de 17e eeuw begonnen de Britten de situatie in India de beïnvloeden. Ook de Fransen toonde interesse in het land en stichten een vestiging in Pondicherry, ten zuiden van Madras, aan de oostkust.
India werd van 1858 tot 1947 geregeerd als een onderdeel van het Britse Rijk. De geweldloze opstand van Chandi en Nehru vormden een weg naar de onafhankelijkheid.


 De Indiase cultuur is een smeltkroes als gevolg van verscheidene immigratiegolven, die voornamelijk het noorden van het land beïnvloed hebben.
In het land speelt het kastenstelsel nog steeds een grote rol en zodoende zijn er enorme verschillen tussen arm en rijk, ouderwets en modern en tussen de steden en het platteland.
Het land kent vele kleurrijke festivals.
Langs de oevers van de grote rivieren vinden dagelijks nog lijkverbrandingen plaats, waarna de as over het water wordt uitgestrooid.
In de filmindustrie is het land met haar Bollywood het Amerikaanse Hollywood ver voorbij gestreefd.


Meer dan 60% van de bevolking is werkzaam in de landbouw. De belangrijkste gewassen zijn graansoorten als rijst en gierst, maar niet te vergeten zijn vele soorten thee die op de hellingen wordt geteeld.
Verder heeft het land grote grondstofvoorraden, zoals gas, olie, steenkool en ijzererts. Tevens is het land een groot leverancier van diamanten en andere edelgesteenten.




VLAG VAN INDIA. 

De vlag wordt in het Hindi ook de Tiranga genoemd. het is een horizontale driekleur met de kleuren van boven naar beneden saffraan, wit en groen.
Midden in de witte baan staat een blauw wiel, de Asoka Chakra, met 24 spaken.
Het saffraan staat symbool voor moed, wit voor voor de vrede en het groen voor de voortvarendheid.
De charka staat oorspronkelijk voor Chandhi's spinnewiel, dat zelfvoorzienendheid symboliseerde. Dit werd in 1947 vervangen door de Asoka Chakra het 'wiel van de wet'. Het symbool dateert uit het Asoka koninkrijk uit 250 v.Chr. en komt uit het boeddhisme. De 24 spaken zijn de 24 uren van de dag, en vooruitgang in elk uur.

WAPEN VAN INDIA.

India kent geen wapen maar een embleem dat in gebruik werd genomen op 26 januari 1950, de dag dat het land een republiek werd.
Het is een weergave van het kapiteel van één van de pilaren van de Mauryakoning Asoka uit de 3e eeuw v.Chr.
Het kapiteel bestaat uit vier Perzische leeuwen die op een ronde abacus (dekplaat van een zuil) staan. Op deze dekplaat staan friesen van een olifant, een stier, een leeuw en een galopperend paard. Ze worden van elkaar gescheiden door vier Ashoka Chakra's. 
Onder het embleem staat de tekst; "Alleen de waarheid overwint".


INDONESIË.

Officieel de Republiek Indonesië. Het is een eilanden staat en de archipel telt ruim 17.508 eilanden.
Indonesië heeft ook wel de bijnaam; "De gordel van smaragd".   
Indonesië heeft een oppervlakte van 1.910.931 km², waarvan 4,85% water.
De hoofdstad is Jakarta en de voertaal Bahasa Indonesia.
Het land grenst aan Papoea-Nieuw-Guinea, Oost-Timor en Maleisië. verder omringende landen zijn Singapore, Bruinei,Filipijnen en Australië.
Indonesië is het grootste moslimland ter wereld, maar de islam is geen staatsreligie.
Uit fossiele resten van de Javamens of de Homo erectus mag men uitgaan dat de archipel reeds 2 tot 6 miljoen jaar geleden was bewoond.


Vanaf de 7e eeuw floreerde de handel overzee van het koninkrijk Srivijaya. Tussen de 8e en 10e eeuw ontstonden er hoogontwikkelde beschavingen op Java van de boeddhisten en de hindoes die door de handel overzee zich op het eiland hadden gevestigd. Ze waren de bouwers van de schitterende Borobudur en de Prabanan.
Het waren twee afzonderlijke koninkrijken die ergens in de 13e eeuw spoorloos zijn verdwenen.
In de zelfde periode kwam via Sumatra de islam in opkomst. In de 16e eeuw was dit reeds een dominante religie in Sumatra en Java.
In 1512 zetten de eerste Portugezen onder leiding van Francisco Serrão voet aan land en trachten de handel in specerijen te beheersen. Al snel volgden de Engelsen en Nederlanders, welke laatsten in 1602 de verenigde Oost-Indische Compagnie oprichten. De VOC werd een belangrijke Europese macht in de regio. Na het faillissement van de VOC in 1798 werd het eilanden rijk een kolonie onder de naam Nederlands Oost-Indië. De Nederlanders regeerden met harde hand wat vaak koloniale oorlogen tot gevolg had.


Ze ontwikkelden de tropische landbouw van rubber, suiker, rijst, peper en foelie. Indonesië werd een belangrijk rijstexporteur. Ook de mijnbouw en winst van aardolie werd met kennis aangepakt.

In 1942 vond de invasie van de Japanse troepen plaats. Veel Nederlanders kwamen in de concentratiekampen terecht en leefden in mensonterende omstandigheden. De lokale bevolking werd door de bezetter gedwongen om als dwangarbeider te werken. Het land kende een terreur bewind met duizenden executies.
De Japanners beloofden de nationalisten als ze kozen voor samenwerking, dat het land een vrij land zou worden.
Na het beëindigen van de WO-II riep Soekarno op 17 augustus 1945 de eenzijdige onafhankelijkheid uit, wat door de Nederlanders niet werd geaccepteerd en deze troepen stuurden. De politionele acties waren het gevolg. In 1949 erkende Nederland onder internationale druk de onafhankelijkheid van Indonesië.
In 1963 werd ook Nederlands-Nieuw-Guinea aan Indonesië overgedragen en kreeg het de naam Irian Jaya. 
Soekarno had de communistische partij van het land gebruikt om aan het bewind te komen. Een coup van deze partij in 1965 werd door het leger neergeslagen en er volgde een bloedige anti-communistische operatie, waarbij tussen de 500.000 en 1 miljoen doden vielen.
Het legerhoofd Soeharto maakte van deze actie gebruik de macht over te nemen van Soekarno.
Deze "nieuwe orde" kreeg de steun van de V.S. en het land kreeg een stabiele economische groei voor meer dan 30 jaar. In feite maakte het leger de macht uit.


Indonesië ligt op de "Ring of Fire". Ieder eiland heeft wel een of meerdere vulkanen, waarvan het merendeel nog steeds actief is.
De vulkanische grond is zeer vruchtbaar en zodoende kent het land een zeer gevarieerde flora en gewassen cultuur.
Helaas worden op grote schaal enorme stukken grond kaal gekapt voor de houtindustrie en voor de aanleg van palmolie plantages.
Veel van de eens wilde dieren leven nu in natuurreservaten, zoals de Sumatraanse tijger, de Javaanse neushoorn, de Orang-oetan, de Aziatische olifant en de luipaard.


Indonesië kent in haar grondwet vrijheid van godsdienst. Zo is de bevolking van Atjeh streng moslim en leeft op Noord-Sumatra de moslim- en christen Batak in vrede naast elkaar. De Javanees is moslim maar het geloof daarvan kent vele mythen en legenden. De Balinees is weer hindu van geloof.
De bevolking is een etnische verzameling van Maleiërs, Madoerezen, Soedanezen, Chinezen, Indiers, Arabieren en Europeanen. Op Kalimantan (Borneo) leven de Dajaks, op Sulawesi  de Bugies en de Torraja. en de bevolking van de Molukken stammen weer af van de Polynesiërs.
Het land is rijk aan grondstoffen, is vrij toegankelijk open en hartelijk voor haar bezoekers.


VLAG VAN INDONESIË.

De vlag van Indonesië, ook de Sang Merah Putig genoemd is een twee kleur met twee horizontale banen; rood en wit.
De vlag is in gebruik sinds 17 augustus 1945.
Beide kleuren hebben enige verschillende symbolen. Veel bewoners zien de kleuren al heilige kleuren, waarbij het rood symbool staat voor de suikerpalm en het wit voor de rijst. beide zijn het belangrijke ingrediënten voor de Indonesische keuken.
Een andere verklaring is dat het rood staat voor moed, het menselijk lichaam en het fysieke leven. Het wit voor puurheid, reinheid en de geest van het spirituele leven. In Indonesië is het de gewoonte dat in de ochtend op het schoolplein de vlag wordt gehesen onder het zingen van het volkslied.

WAPEN VAN INDONESIË.

Het wapen van Indonesië wordt de Garuda Pancasila genoemd. Het toont de mythische vogel  Garuda met een wapenschild op zijn borst.
De vogel heeft zeventien veren aan elke vleugel, acht staartveren en 45 nekveren. Dit moet symbool staan voor de onafhankelijkheidsdatum; 17-08-1945.
De vogel houdt een lint in zijn klauwen met de tekst; "Bhinneka Tunggal Ika". ("Eenheid en verscheidenheid"). 
Op het schild staat centraal een zwart schild met een vijfpuntige gele ster. Linksboven op een rood vlak de banteng een kop van de waterbuffel; rechtsboven op een wit valk de waringinboom; linksonder op een wit vlak een rijsthalm en een katoentak en rechtsonder op een rood vlag een gouden ketting. Het schild geeft de Pancasila weer. het woord komt uit het Sankriet; panca betekend vijf, en sila betekend rechtschapenheid en moreel juist gedrag.


                  Zie vervolg: AZIË. LANDEN VLAGGEN EN WAPENEMBLEMEN. (DEEL 5)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen