zondag 11 december 2016

SALAMIS ZEESLAG 480 v.Chr.


VLOOT VAN ATHENE VERSLAAT

DE PERZISCHE VLOOT VAN XERXES.

(BIJ SALAMIS HERINNERD EEN MONUMENT AAN DEZE ZEESLAG BIJNA 2600 JAAR GELEDEN.)


GEGEVENS STRIJDENDE PARTIJEN.

Datum: september, 480 v.Chr. Tweede Perzische Oorlog.
Locatie: nabij Salamis.
Strijdende partijen: Griekse stadstaten tegen het Perzische rijk Halicarnassus.
Leiders en commandanten: Griekse zijde; Eurybiades van Sparte, Themistocles van Athene, Adelmantus van Korinthe en Arisides van Athene. Perzische zijde; Xerxes I, Aramenes en Artemisia.
Troepensterkte: Grieken 371 schepen. Perzen 1207 schepen.
Verliezen: Grieken 40 schepen. Perzen 200 schepen.




(Afbeelding van een bireme, bemand door heldhaftige krijgers, vormde eens als versiering op een waterkruik uit 500 v.Chr. Eeen reusachtig oog staart boven een snavelvormige steven.)

VOORSPEL.

Een machtige vloot voer vlak langs de Aegeïsche kust ter ondersteuning van het Perzische leger onder leiding van koning Xerxes. Een enorm groot leger was plunderend het oostelijk Middellandse Zeegebied binnengedrongen. 
Het oude Griekenland moest de strijd aanbinden om te overleven nadat Xerxes won bij Thermopylae en Athene had geplunderd.
Bekwaam door een sterke ondersteuning van zijn vloot kwamen de Perzen bij elke slag als overwinnaars te voorschijn.
Na de val van Athene leek Griekenland zo goed als verloren en het enigste wat overbleef was het verslaan van de vloot van de Perzen, zodat het legers geen ondersteuning meer zou krijgen.


(Griekse trireme.)

De Atheners en hun bondgenoten hadden nog slechts een vloot van ongeveer vierhonderd goed bemande schepen. Xerxes had meer dan duizend schepen opgeroepen uit de reeds overwonnen havensteden van Fenicië, Egypte en Klein-Azië.
Deze vloot had ruim 200.000 manschappen aan boord.
De grieken gebruikte zelden galeislaven; hun betrouwbaarheid was immers discutabel en hun onderhoud in vredestijd te kostbaar. De roeiers werden uit de arme burgerij gerecruteerd door de meer welgestelden, welke tot taak het was om de oorlogsschepen te onderhouden en te zorgen voor de bemanning.
De Atheense marine had vooral veel te danken aan de vooruitziende geest van Themistocles. Toen een rijke zilverader in de Laurium mijnen de Atheners een onverwacht buitenkansje bood, wist hij zijn stadsgenoten over te halen om de winst niet onderling te verdelen maar deze te gebruiken voor de opbouw van een sterke oorlogsvloot, bestaande uit 200 triremes.


De Griekse trireme was een lange en smalle oorlogsgalei.
Er bestaan nog steeds inventarislijsten van de Atheense marinewerf, gegrifd in steen en later op de scheepshelling teruggevonden. Hieruit blijken details over schepen uit de vierde eeuw voor Chr, die maar weinig moeten hebben afgeweken van de schepen die deelnamen aan de Slag bi Salamis; de afmetingen van de bouwplaats geven aanwijzingen over de grootte van de schepen: de galeien waren ongeveer 36 meter lang, hadden een breedte van 6 meter en een diepgang van 1 tot 1,3 meter. Zij waren uitgerust met 170 riemen, verdeeld over drie verdiepingen, 62 op de bovenste en 54 op elke daaronder gelegen. De roeiers waren zo geplaatst dat de riemen op alle rijen de zelfde lengte  hadden, ruw geschat 5 meter.
Als de roeiers hun volle kracht gebruikten kon een trireme op glad water een snelheid van zeven knopen halen en gedurende een korte sprint wel 10 knopen. Daarbij bleef het schip uitstekend wendbaar. Een geoefende bemanning kon een galei om zijn eigen as laten draaien.



De commandanten konden hun eskaders, vooral wanneer zij waren gegroepeerd in een cirkel-, carré- of spitsformatie, waarbij de van rammen voorziene stevens buitenwaarts waren gericht. De Grieken wisten hoe ze met die zware , met brons beklede rammen op de boeg van hun schepen, moesten aanvallen. Zij voeren uit volle macht op de vijand aan, trokken op het laatste moment de riemen aan één zijde binnenboord en braken met een snelle manoeuvre door het gewicht van hun romp de riemen van het andere vaartuig. Dan, wanneer deze hulpeloos als een vis zonder vinnen ronddreef, maakten zij opnieuw een wending en ramden de tegenstander midscheeps volle kracht.


DE ZEESLAG.


(De Perzische vloot van 1200 schepen stelde zich op als de tanden van een geweldige klem, klaar om dicht te slaan, in de Saronische Golf bij de ingang van Straat van Salamis om de Atheners aan te vallen. Zo'n twee honderd schepen hadden de toegang tot de Baai van Eleusis afgesloten bij Megara.) 


De Griekse vloot had zich teruggetrokken bij het schiereiland Salamis en Xerxes moest haar daar aanvallen. Hij was op zijn hoede. De oorlog te land beheerste hij, maar een zeeslag was iets anders. het was gevaarlijk om de nauwelijks een mijl brede engte tussen Salamis en het vaste land binnen te varen; triremes hadden veel ruimte nodig door hun  ver uitstekende riemen. De Perzen moesten aanrukken over een smal front en konden slechts een klein deel van hun strijdmacht tegelijk inzetten.
Xerxes schepen waren daardoor kwetsbaar.

Themistoles onderkende de strategische voordelen van Salamis; de beperkte ruimte die zijn kleinere vloot vrijwaarde van een aanval op de flanken bood hem ideale condities voor een gevecht tegen een in aantal superieure tegenstander. Het was immers vier tegen één? 
Dus was dit de aangewezen plek voor de slag! Maar hoe nu Xerxes schepen in de val te lokken.



(Veinzend zich terug te trekken in de Baai van Eleusis lokt het eskader van 70 schepen de Perzen naar de zeeëngte bij Herakleum. De hoofdmacht van de Griekse vloot ligt verboregen in de Baai van Paloukia.)

Themisticles vaardig, sluw en moedig verzon een krijgslist en liet een dienaar aan de Perzen het valse bericht overbrengen dat de Grieken, geheel gedemoraliseerd, van plan waren om de zeeëngte te ontvluchten om tenminste hun huid te redden. Zij zouden onderling zijn verdeeld en maar tot geringe tegenstand in staat. Als Xerxes snel; was zou hij in één slag de gehele vijandelijke vloot kunnen vernietigen. Xerxes verheugt zich over deze tijding, groepeerde enkele eskaders onder dekking van de nacht zodanig dat een ontsnapping vanuit Salamis kon worden verhinderd en beval bij het aanbreken van de dag een verrassingsaanval te doen door de zeeëngte.
Hij hoopte de Griekse schepen nog op de rede te kunnen overvallen. 


De grote koning, begerig om getuige te zijn van het spektakel, installeerde zich op de heuvel Aegaleos, van waaruit Salamis kon worden overzien.
Daar zat hij op zijn gouden troon, gekleed in een schitterend gewaad en overdekt met juwelen.
Zijn schrijvers maakten zich gereed om het verslag van het gebeuren onmiddellijk in kleitafels te griffen, opdat geen enkel detail van de overwinning verloren zou gaan.

Daar komt de Perzische vloot 'als een stroom die de zeestraat vult van kust tot kust'.
De Perzen zien enkele Griekse schepen; die moeten op de vlucht zijn! De reusachtige vloot glijdt voorwaarts, donkere schimmen op het blauwe water van de zee, waarvan het oppervlak tot schuim wordt geslagen door het geweld van duizenden riemen.
Plotseling klinkt een luide uitdagende kreet uit Salam is. Een trompet blaast de aanval. Ordelijk en tot het uiterste gespannen zet de Griekse vloot zich in beweging en formeert zich dwars op de baai.




(Griekse triremes werpen zich vanuit de beschermde wateren achter Kaap Kynosura op de door de hoge zeegang geplaagde Perzische vloot. Xerxes is getuige van de ondergang van meer dan 200 galeien.)

Nog speelt Themistocles voor de vos. Om de Perzen in de fuik tegenover Salamis te lokken beveelt hij zijn schepen om zich achteraf te houden, al vrezen zij de naderende Perzische vloot.
De invallers dringen opeen in de smalle doorgang, de galeien worstelen onderling om ruimte, de riemen botsen op elkaar. Van de Perzische vloot klinkt een hevig geraas. Xerxes likt zijn lippen in het vooruitzicht op een verpletterende overwinning.



Maar nu steekt, zoals Themistocles heeft verwacht de ochtendbries op vanuit zee, daardoor ontstaan grondzeeën op de plek waar de Perzen zich bevinden. Hun schepenstampen en rollen. Riemen slaan opeen. Lanciers, speerwerpers en boogschutters verliezen hun evenwicht; de steigerende dekken zijn te ongemakkelijk voor landsoldaten.  
Het zijn nu de Grieken die 'de zee ranselen met gelijkmatige halen van hun schuimende riemen', zoal een veteraan van Salamis, de Griekse dichter Aeschylos, schreef.
Over rustig vaarwater rukken de Griekse galeien aan, een ordelijk halvemaan vormigfront van dreigende ramstevens, dwars op de baai.
Op deze zonovergoten septembermorgen is iedere Griekse trierarch die de trireme commandeert, ieder Griekse vrije burger die aan de riemen trekt bezield door één gedachte: de indringer te verpletteren. 
Te laat beseffen de Perzen dat ze zijn misleid door het verhaal over het slechte moreel van de Grieken. Door de zich nog in open water bevindende achterhoede wordt in de voorhoede van Xerxes' vloot steeds verder in het nauw gedreven.






Nu vallen de Grieken de Perzen genadeloos aan! De rollende Perzische triremes, verrast door dit
offensief, zijn kwetsbaar aan beide zijden. De Grieken, de een na de ander, slaan toe, beuken hen, doen hen wankelen, versplinteren hun in elkaar geraakte riemen en stoten ze lek met hun ramsteven.
Nog steeds komen lange rijen schepen aangevaren, onbewust van het noodlot dat hun te wachten staat. De voorste schepen trachten te keren. Onmogelijk. Ze zijn ingesloten. Wanhopig proberen de roeiers in achterwaartse richting te roeien, nu eens het ene, dan weer het andere boord de riemen in het water.

Xerxes op zijn troon schreeuwde in machteloze woede. kapiteins die hun triremes hadden verspeeld, die hun mannen hadden zien verdrinken, strompelden aan wal en riepen verontschuldigingen. 'Sla hun hoofd af!, schreeuwde de koning.
De Perzische verliezen waren enorm: meer dan 200 schepen, 20.000 man. Het enorme aantal opvarende dat de dood vond lag ook in het feit dat de Perzen geketende slaven als roeiers hadden. De schepen vergingen dan ook met man en muis.

Een afdeling landingstroepen die tot taak had om de voorziene overwinning te voltooien werd door de Grieken zonder veel moeite ingesloten en vernietigd.
Van de vloot wist zich slechts een klein eskader door vaardigheid en tegenwoordigheid van geest te redden, waaronder vijf schepen onder bevel van admiraal-koningin Artemisia van Caria in Klein-Azië. In het nauw gebracht door de Grieken viel zij een Perzisch schip aan. De grieken hielden haar daardoor voor een bondgenoot en lieten haar gaan. Zij wist te vluchten.
´Mijn mannen handelen als vrouwen, mijn vrouwen als mannen´, zei Xerxes grimmig. De sluwheid van de koningin was zijn enige voldoening.
Kort na de Slag bij Salamis trok hij zich terug uit Griekenland en de rest van het Middellandse Zeegebied. Zijn nederlaag bracht Griekenland glorie en gaf het de kans om tot bloei te raken en daardoor een onschatbare bijdrage te leveren aan de geschiedenis van de mensheid. De Slag bij Salamis is een van de grootste zeeslagen uit de oude geschiedenis.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen