zondag 25 januari 2009

MASADA (deel 2)

MASADA.
In het jaar 72 n.C. braken de Romeinen onder bevel van Flavius Silva het verzet van de Zeloten na een lange belegering.
Omdat een uithongering jaren lang had kunnen duren, daar de voorraadschuren barstens vol zaten toen de Zeloten Masada in handen kregen, lieten de Romeinen de reeds bestaande wal tegen de bergrug ophogen door slaven. Deze slaven waren gevangen genomen Joden uit Judea.
Het benodigde zand en gesteende werd uit de omgeving gedolven.

(links de wal tegen de bergrug)


In het begin van het jaar 73 n.C. braken de Romeinen door de vesting muur en staken de opgeworpen houten barrière van de Zeloten in brand.

Volgens de geschiedschrijver Josephus Flavius pleegden de 960 Zeloten collectief zelfmoord.
Intussen zijn er bij opgravingen maar 24 geraamten gevonden en is dit feit zeer twijfelachtig, daar het niet overeenkomt met de Joodse traditie die geheel gericht is op overleven.
Josephus Flavius was er persoonlijk helemaal niet bij toen het gebeurde.

(Een beeld van de schrijver J.Flavius)

Tot 1967 legden Israëlische rekruten op deze tafelberg de eed af en spraken daarbij de beroemde tekst; 'NOOIT MAG MASSAD WEER VALLEN'.





Vanaf het enorme plateau wat 500 meter lang is en 250 meter breed zijn nog de resten van de Romeinse belegerings kampen rond de berg te zien.
Er worden nog steeds opgravingen verricht en de daaruit vloeiende restauraties.
Het plateau is nu te bereiken met een moderne kabelbaan, maar liefhebbers kunnen nog steeds via het 'Slangenpad' de berg beklimmen.















Vanaf de berg Masada heeft men een grandioos uitzicht over het lager gelegen landschap met de Dode Zee, het water toevoerkanaal en de aan de overzijde gelegen bergen van het land Jordanië.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen