vrijdag 15 maart 2024

CORNELIS DREBBEL EN DE EERSTE ONDERZEEËR.

 

ONDERWATER VAREN WERD REEDS

  IN DE 17E EEUW UITGEVONDEN

      DOOR EEN NEDERLANDER.


JULES VERNE.

In de roman, van Jules Verne, 'Twintigduizend mijlen onder zee', uit 1870, heet de onderzeeër van Kapitein Nemo "Nautilus". 
Het verhaal is een fictie, maar Jules Verne baseerde de kennis van een onderzeeboot uit de 17e eeuw, toen deze voor het eerst werd ontworpen en uitgetest.

CORNELIS VAN DREBBEL.


Cornelis Jacobszoon Drebbel werd geboren in Alkmaar te Verdronkenland  heden nr. 141 in het jaar 1572. Hij kwam uit een familie van goede welstand.
Hij bezocht een aantal jaren de Latijnse school, maar volge geen universitaire opleiding, maar deed verder zijn kennis op als graveur en cartograaf en deed daarnaast uitvindingen.
In 1598 kreeg hij octrooi op een pomp en klok met een perpetuum mobile, die op veranderingen in luchtdruk en - temperatuur werkte.
Hij gebruikte die om de temperatuur in ovens te regelen.
Bouwde in 1601 in Middelburg een fontein en kreeg een jaar later een octrooi op een verbeterde schoorsteen.
In 1604 vertrok hij met zijn gezin naar Engeland, waarvan de juiste reden niet bekend is.

In Engeland demonstreerde hij zin perpetuum mobile, een apparaat dat een maal in beweging uit zichzelf blijft bewegen en eventueel in staat wordt geacht energie op te wekken uit niets, en klavecimbels doe op zonne-energie speelden.
Drebbel's vaardigheden maakten grote indruk en in dat zelfde jaar werd hij door koning Jacobus I (1566-1625) aan het hof aangesteld en kwam in dienst van kroonprins Hendrik Frederik Stuart, prins van Wales als een van dies leraren.
Hij werkte aan speciale effecten, zoals fonteinen, belichting - onweer en bliksem- pratende beelden, die uit de wand naar voren kwamen voor de maskerades die regelmatig werden opgevoerd voor de koning en zijn vrouw Anna.

In 1610 vertrok Drebbel uit Engeland op uitnodiging naar Praag, naar het hof van Keizer Rudolf II , aardhertog van Oostenrijk en keizer van het Heilige Roomse Rijk (links) .
Drebbel verbleef twee jaar in Oostenrijk en construeerde er mijnpompen, maar nadat Rudolf door zijn broer Matthias was afgezet keerde Drebbel , na een korte gevangenschap in 1613 terug naar Engeland.
Intussen was zijn patroon prins Henry (1594-1612) overleden en zat in 1613 zonder inkomen. Hij schreef een brief aan koning Jacobus I en bood aan hem een aantal interessante uitvindingen te tonen, zoals een sterke telescoop, een eeuwiglopende klok, muziekinstrumenten en fonteinen die op zonne-energie werken. Intussen wijdde Drebbel zich aan het maken van een automatische lenzenslijpmachine, en rond 1622 werden zijn telescopen en microscopen door heel Europa verkocht.

Terug in  Engeland kreeg hij contact mat Constantijn Huygens (links), vader van Christian, daar deze tussen1618 en 1624 een aantal keren keren Engeland bezocht als diplomaat, en kocht van hem een camera obscura en een microscoop.
Een ander relatie was Sir Francis Bacon (rechts), een filosoof  en bedenker van toegepaste wetenschappen.
Drebbel kan vergelijken worden met iemand als Thomas Edison, die zonder formele wetenschappelijke opleiding, via experimenten een groot aantal uitvindingen tot stand bracht.

WILLIAM BOURNE.

De Engelsman William Bourne hield zich in de 16e eeuw bezig met het bedenken van handelingen voor navigatie op zee in opdracht van de Britse marine. Hij  beschreef in 1578 een ontwerp voor een navigatie-voertuig dat onder water kon varen.
Dit vaartuig was gemaakt uit een houten frame dat met waterdicht leer bespannen werd. Het schip kon 'zinken'  doordat de omvang van het vaartuig smaller gemaakt kon worden. De schets van Bourne  was meer in een detail uitgewerkt dan een uitgewerkt plan. De eerste persoon die erin slaagde een duikboot niet alleen te bedenken, maar ook daadwerkelijk te bouwen, was de Nederlander Cornelis Drebbel.  

DE DUIKBOOT VAN DREBBEL.

In opdracht van de Engelse marine werkte Drebbel tussen 1620 en 1624 aan een prototype van een duikboot. De onderzeeër van Drebbel bereikte een diepte van vier tot vijf meter onder het oppervlak tijden herhaalde tests in de rivier de Thames.
De onderzeeër werd aangedreven door roeiers, waarbij de roeispanen door flexibele leren afdichtingen door de romp staken.
Snorkelluchtbuizen werden door drijvers boven het oppervlak van het water gehouden, waardoor een onderdompelingstijd van enkele uren mogelijk was.

De onderzeeër van Drebbel leek op die van Bourne, in die zin dat de buitenromp bestond uit ingevet leer over een houten frame.


Van Drebbel volgde zijn eerste boot met twee anderen.
De latere modellen waren groter, maar vertrouwden op het zelfde principe.
Er wordt vermeld dat koning James I van Engeland na herhaalde tests in een van  de latere modellen meevoer om de veiligheid ervan te demonstreren.
Maar zelfs koninklijke gunst kon de belangstelling van de Britse marine niet wekken.
Het zou nog jaren duren voor de eerste duikboten daadwerkelijk gebruikt werden in bij oorlogsvoering.

Drebbel hield zich ook bezig met de praktische kant van de alchemie, het destilleren, sublimeren en kristalliseren, en droeg daarmee aan de ontwikkeling van een nieuwe tak van de wetenschap, de scheikunde. Hoewel in de wetenschapsgeschiedenis vaak Joseph Priestley genoemd wordt als de ontdekker van zuurstof, is het waarschijnlijke dat Michael Sendivogius dit 153 eerder al deed. Sendivogius ontdekte dat bij verhitten van salpeter het 'elixer van het leven' vrijkwam: zuurstof.
Drebbel heeft dit idee wellicht toegepast om zijn duikboot gedurende langere tijd onder water te kunnen laten varen.

Drebbel kreeg in de periode 1625 - 1627 grote opdrachten van de Hertog van Buckingham (George Villiers 1592-1628).
Hij bouwde een torpedolanceerinstallatie in schip nr. 3 van de Hertog, die op eigen kosten tien oorlogschepen had laten bouwen door de Royal Navy. Hij maakte vuurschepen, watermijnen en explosieven voor de expeditie die de Franse belegering van La Rochelle moest breken (1625-1628).

De laatste jaren van Drebbel zijn leven was hij nog betrokken bij de droogmakerij rond Cambridge en het ontwerp van een theater in Londen.
Drebbel overleed op 7 september 1633.



EEN SCHILDPAD.

In 1755 bouwde de Amerikaan David Bushnell een klein eenpersoons duikbootje, dat vanwege zijn opvallende vorm 'Turtle' (schildpad) genoemd werd.
Het was een houten bol, bedekt met teer.
Met een handpomp kon er water onderin het vaartuig gepompt worden, zodat het zonk.
Met de hand konden schroeven aangedreven worden, die het vaartuig voortstuwden.
Het duikbootje was gemaakt om onder water explosieven te bevestigen aan schepen die in een haven voor anker lagen.
OP 7 september 1776 werd er met de Turtle geprobeerd bommen vast te maken aan het Britse oorlogsschip HMS Eagle, maar deze poging mislukte.

DUIKBOTEN OF ONDERZEEËRS.

(Walrusklasse onderzeeër.)

Tegenwoordig maakt de Koninklijke Nederlandse Marine onderscheid tussen duikboten en onderzeeboten.
Een moderne duikboot verplaatst zich voornamelijk boven water en duikt pas onder het oppervlak om te ontsnappen aan vijanden of om aan te vallen.
Een onderzeeër kan dagenlang onder water blijven en komt pas boven zodra dat echt nodig. Door de uitvinding van kernenergie voor de voortstuwing zijn er vanaf de jaren '50, vorige eeuw, onderzeeërs ontwikkeld die voor lange tijd onder water kunnen blijven.





Geen opmerkingen:

Een reactie posten