woensdag 10 september 2014

SCHOKLAND EENS EEN EILAND IN DE ZUIDERZEE.

OUD EN JONG LAND WORDEN EEN.


Schokland het voormalige eiland ligt in het zuiden van de Noordoostpolder tussen het plaatsje Ens aan de N50 en het verkeersplein Urk van de A6 in de provincie Flevoland.


HET ONTSTAAN VAN SCHOKLAND EN HAAR VERLEDEN.



Schokland was eens een eiland in de toenmalige Zuiderzee. Het eiland lag vroeger in de monding van de rivier de IJssel en was een belangrijk oriëntatie punt voor de scheepvaart welke gebruik maakte van deze drukke vaarroute.
Tot 1932 lag het als een eiland in de Zuiderzee die na het voltooien van de Afsluitdijk in dat zelfde jaar het IJsselmeer werd. Sinds de drooglegging van de Noordoostpolder in 1942 behoort Schokland tot het vaste land van de provincie Flevoland.  
Schokland is nu al 70 jaar volledig omgeven door de landbouwgebieden van de Noordoostpolder en kwam in 1995 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO te staan.



Schokland is de jongste tijden van de landvorming ontstaan. Bij het terugtrekken van de ijskap na de ijstijd bleven er enorme zwerfkeien achter in het gebied. Het ijs trok zich terug en had op plaatsen een stijging van de zeebodem veroorzaakt, maar door het smelten van het ijs steeg ook weer het zeewater en zo werden deze gebieden omringt door een veen gebied.
Zo moeten vroeger Schokland en Urk met elkaar verbonden zijn door een verhoogde veen rug die liep tot het plaatsje Elburg.
Stormen en overstromingen deden het land afkalven en zo werden het langzaam eilanden. 
De oudste vermelding over het bestaan van de eilanden Schokland en Urk dateren uit de tijd van de Romeinen.


Ondanks dat Schokland één eiland was, leefden er twee volledig van elkaar gescheiden woongemeenschappen.
Op het noordelijke hoger gelegen deel van het eiland, wat vroeger Emmeloord werd genoemd, heerste tot in de middeleeuwen de heren van Kuinre, welke het eiland als uitval basis gebruikten voor hun stroop- en rooftochten. Pas in 1660 werd Emmeloord opgekocht door de gemeente Amsterdam.
de bevolking van het noordelijke deel van het eiland was overwegend rooms-katholiek van geloof.

Op het lagere en zuidelijke deel van het eiland lagen twee woonterpen: Middelbuurt of ook wel Molenbuurt genaamd en het kleinere Zuidert of Zuiderbuurt. In Zuiderbuurt was ook een kerkhof en een lichtbaken voor de scheepvaart. Beide terpen vormden het dorp Ens dat tot de provincie Overijssel behoorde. Dit deel van het eiland was overwegend protestant van geloof.

Het was pas in de tijd van de Franse overheersing, in 1806, dat de twee delen bestuurlijk geheel onder de naam Schokland kwamen. De naam Schokland is afgeleid van het 'schokke', een  rietplag of gedroogd stuk koemest dat als brandstof werd gebruikt.



                                       ( Het huidige Middelbuurt is een openluchtmuseum.)

De protestanten bezochten de middeleeuwse kerk op het zuidpunt, totdat er in 1717 in de Middelbuurt een nieuwe werd gebouwd. De middeleeuwse kerk op het zuidpunt diende aanvankelijk als baken voor de vissers en de schippers. De ruïne hiervan is nog zichtbaar in Ens.
In de 17e eeuw was er een katholieke kerk in Emmeloord.


Na het invallen van de duisternis werd op het zuidpunt "vissersvuren" aangestoken om de schepen de veilige haven binnen te loodsen.
In de 17e eeuw werd dit gebruik vervangen door de bouw van een vuurbaak, een gebouwtje waarin een vuurkorf met brandende turf omhoog werd gehesen.
Deze vuurbaak werd in 1635 vervangen door de stenen "vuurboete" met op het dak een rooster waar een open vuur op werd gestookt.
Om het gebruik van de vuurboete te bekostigen, zoals brandstof en het leen van de vuurboetewachter werd er een tol aan de schippers geheven, het zogenaamde  "Ensergeld".
In 1825 werd de vuurboete door een storm verwoest en de ruïne fundatie is nog steeds zichtbaar op het zuidpunt.
De latere vuurtorens van Schokland waren open ijzeren constructies welke stonden op het zuidpunt als op de terp bij Emmeloord. Na de drooglegging van de Noordoostpolder werden deze afgebroken.
Bij Emmeloord is er later een herbouwd als onderdeel van een cultuurhistorische wandeling.




Door hun isolement waarin de bevolking van Schokland leefde, iets wat ze zich zelf oplegden, ontstond er een geheel eigen cultuur en twee aparte dialecten.
De noordelijken hadden een dialect dat sterk leek op dat wat in Urk werd gesproken en de zuiderlingen hadden een dialect dat veel op dat van de Huizers leek.
Ook had ieder deel zijn eigen, nu beroemde klederdracht.













( Schokland gezien van zuid naar noord. De begroeide omwalling geeft duidelijk de vorm van het toenmalige eiland weer. In het noorden rechts het Schokkerbos.)

EINDE VAN DE BEWONING.



Tijdens de stormvloed van 1825 werd het eiland zwaar getroffen en kwam het bijna geheel onder water te staan. Door de storm werd bijna meer dan twee kilometer aan zeedijk weggespoeld, de paalwering rond de terpen werd zwaar beschadigd evenals de beide kerken.
Ook de vuurtoren op het zuidpunt werd verwoest. In totaal vielen er 13 doden, 20 huizen spoelden weg en tientallen woningen werden onbewoonbaar.


Zware stormen zorgden voor landafslag en zo werd in 1855 de Zuiderbuurt ontruimd. Dit was de kleinste, laagste en daardoor meest kwetsbare woonbuurt van het eiland.
Men oordeelde dat, gezien de geringe rol die dit stuk land speelde voor de scheepvaart, het te kostbaar was geworden het nog langer tegen het water te beschermen.
De meeste bewoners verhuisden naar Middelbuurt en een enkeling naar Emmeloord. Doch lang zouden ze ook daar niet blijven daar er al snel plannen werden gemaakt om het gehele eiland te ontruimen.
In 1859  werden in opdracht van de regering en op bevel van koning Willem III de overgebleven 650 bewoners gedwongen het eiland te verlaten. De Schokkers kregen een vergoeding die op twee en een half maal de waarde van het onroerend goed was vastgesteld.
Ze moesten hun eigen huizen afbreken en het bouwmateriaal  mochten ze elders gebruiken om hun woning weer op te bouwen.


Als enigste bewoners bleven achter: een lichtwachter op het zuidpunt, een arbeider om de kustverdediging te onderhouden in de Middelbuurt en enkele havenmeesters bij Emmeloord.
Na het sluiten van de dijk om de Noordoostpolder in 1941 werd begonnen met het wegpompen van het water en kwam het eiland droog te liggen, waarna de laatste bewoners vertrokken.
Van de drie dorpen is alleen een gedeelte van de bebouwing van Middelbuurt bewaard gebleven, waaronder de kerk uit 1834.


MIDDELBUURT NU.

Al van een grote afstand tekent de Middelbuurt zich af tegen de horizon bij het naderen van Schokland zoals het er nu bij ligt.
De kerk en de houten museumgebouwen steken ver boven de polder uit en de hoge paalschermen wekken de indruk nog steeds klaar te staan om de terp waarop de Middelbuurt ligt te beschermen tegen de golven bij een storm.
De meeste woningen die er nog stonden nadat de bewoners het eiland hadden verlaten waren volledig aan verval onderhevig en pas in de jaren '80 van de 20e eeuw zijn er weer huizen opgetrokken in de "Zuiderzeestijl".


 Evenals de twee andere woonterpen van Schokland is de Middelbuurt ongeveer 600 jaar oud. In de zestiende eeuw werd het silhouet van de terp nog bepaald door een molen, vandaar de naam Molenbuurt, die destijds door de schippers als oriëntatiepunt werd gebruikt.
In het verre verleden moeten de bewoners zich nog bezig hebben gehouden met het verbouwen van graan, maar door de steeds hogere waterstand werd het land te vochtig voor het verbouwen van dit gewas en hielden de bewoners zich later bezig met de visvangst.



Vlak naast de kerk staat op de rand van een basalten dijk een kanon. Dit kanon was niet geplaatst om eventuele vijanden van Middelbuurt te bestrijden, maar om te waarschuwen bij gevaarlijke hoge waterstanden.
Verschillende plaatsen langs de Zuiderzee beschikten in het verleden over een dergelijk stuk geschut. Dit stuk geschut in Middelbuurt komt oorspronkelijk van de oude Zuiderzeedijk bij Blankenham. Op het eiland heeft nooit een hoogwater kanon gestaan.






















Middelbuurt vormde lange tijd het hart van Ens en was de belangrijkste terp van het eiland.
Hier leefden dan ook de meeste notabelen van het eiland.
Van hun oorspronkelijke woningen is niets bewaard gebleven.
Alleen kelders en waterputten zijn in de bodem terug gevonden. Zo maakte men op het eiland ook gebruik van ondergrondse opslag plaatsen voor drinkwater door regenwater op te vangen en op te slaan.
Rond de terp heeft men de houten omwalling weer in ere hersteld en er op de toenmalige waterstand weergegeven.

Voor de ingang van het museum liggen enige enorme zwerfkeien die hier na de ijstijd zijn achtergebleven.
Ook in het Schokkerbos komt men veel van deze keien tegen.
In de huisjes in de 'Zuiderzeestijl' is nu een permanente tentoonstelling gevestigd waar veel archeologische vondsten en resten uit de prehistorie uit de Noordoostpolder zijn te zien en er verder een beeld wordt geschetst van het leven van de Schokkerbevolking.





Wandelend rond de omwalling van Middelbuurt komt men nog oude van de zeebodem opgegraven ankers, ballaststenen uit een opgegraven schip, een oude bebakeningsboei en netverzwaarders tegen voor de visnetten.

Een 'oude' paal met de waterstandmeter er op staat er wat werkeloos bij.













Het noordelijke deel van het eiland waar nog een vuurtoren staat is bereiken via het Schokkerbos via een smalle weg. Het zuidelijke deel, Zuidpunt, waar de fundatie ligt van de oude vuurtoren die er in 1825 werd gebouwd is vanaf een parkeerplaats aan de weg te bereiken via een voetpad. Door de aanplant in latere jaren van bomen worden deze bezienswaardigheden bijna aan het oog onttrokken.



In 2003 vond er een herbegrafenis plaats in de gerestaureerde kerkruïne op Zuidpunt. Het waren de beenderen van 147 Schokkers welke in 1940 werden opgegraven en lagen opgeslagen in een Amsterdams Anatomisch Laboratorium. De wetenschap had deze beenderen opgegraven daar zij nieuwsgierig waren naar de fysieke kenmerken van de mensen op het geïsoleerde eiland en over de oorspronkelijke bevolking van Nederland. De analyse is nooit afgerond, omdat dit soort onderzoek na de oorlog aan populariteit had ingeboet. Een speciale grafsteen herdenkt nu de 147 herbegraven Schokkers in het midden van de kerkruïne.


De namen Emmeloord en Ens zijn later weer gebruikt voor nieuwe gemeenten in de provincie Overijssel.

( Meer informatie: E-mail info@schokland.nl , website www.schokland.nl )

1 opmerking:


  1. In mijn boek "Arend Dubbels, zoon van Schokland", beschrijf ik in een aantal verhalen het leven van een Schokker jongen die op het eiland opgroeit voor de ontruiming in 1859. Na die tijd komt Arend , als zoveel Schokkers, in Kampen te wonen en gaat op een zeiltjalk werken die op een stormnacht op een stuk drijfhout stoot en ondergaat. Dat wrak wordt later bij de droogmaking onder Schokland in de bodem gevonden. Aan de hand van vondsten in dat schip, een gesprek met een nazaat en het Schokker Archief ( te Kampen) wordt het leven van Arend Dubbels op Schokland gereconstrueerd. Het boek is geschreven door Jacob Starreveld, bevat vele fraaie historische tekeningen van Henk Tol en is verkrijgbaar in de museumwinkel op Schokland, bij de boekhandel en de bekende websites.

    Henk Licher ( ps. Jacob Starreveld)

    BeantwoordenVerwijderen