maandag 5 juni 2023

LEVEN TUSSEN VULKANEN. JAVA - INDONESIË. (DEEL 1)




LEVEN, DOOD EN MYTHES.

                  DEEL 1.

   EEN GORDEL VAN VULKANEN.



JAVA.

Hoewel Java kleiner is dan Sumatra, heeft het eiland een hogere concentratie aan actieve vulkanen die een gordel vormen over het eiland van west naar oost.
Er zijn meer dan veertig actieve vulkanen op het eiland, zonder de twintig kleine kraters en vulkanische kegels van het Dieng-vulkaancomplex en de jonge vulkaankegels in het Tenger-calderacomplex mee te rekenen.
Java heeft een oppervlakte van 132.00 km² , een lengte van 1062 kilometer en de hoofdstad van Indonesië, Jakarta, is gelegen in het noordwesten van het eiland.

DE VULKANEN VAN WEST NAAR OOST.

POLUSARI.

Polusari is een stratovulkaan, in het Indonesisch Gunung Pulosari, met een hoogte van 1.346 meter.
De vulkaan is gelegen in de provincie Banten, bij de gelijknamige havenstad aan de Banten Baai ten noorden van de stad Serang.
De laatste geregistreerde uitbarsting is niet bekend.
Over een laatste eruptie is geen datum bekend.
De vulkaan is geliefd bij de bergbeklimmers.





KARENG.

Kareng of gunung Kareng is een stratovulkaan met een hoogte van 1778 meter.
De vulkaan is gelegen ten noorden van de stad Pandeglang in noordwest Java.
Oven een laatste eruptie is geen datum bekend.



KIARABERES-GAGAK.

De Kiaraberes-Gagal  ook wel Perbakti-Gagal geneomd is een stratovulkaan met een hoogte van 1.511 meter.
De vulkaan  is gelegen op de grens van het Gunung Halimun Nationaal Park ten noordwesten van de stad Sukabumi.
De vulkaan heeft fumarolische velden op haar flanken.
De laatste uitbarsting was op 6 april 1939. 




PERBAKTI.

Perbakti is een geërodeerde stratovulkaan met een hoogte van 1699 meter.
De top is langwerpig in noordwest-zuidwestelijke richting, waarin de Gunung Endut-vulkaan boven het zadel van Perbakti uitsteekt.
De vulkaan is gelegen ten westen van de vulkaan Salak in de provincie West-Java.
Aan de noord- en zuidkant hebben zich twee rivieren gevormd, de Kaluwung Herang en de Permatuatan rivier.
Fumaroles, modderpoelen en warmwaterbronnen bevinden zich op de zuid- en zuidoostflank van de vulkaan. Datum laatste uitbarsting is niet bekend.

SALAK.

Salak is een stratovulkaan en vormt een vulkanisch complex. met een hoogte van 2.211 meter.
Het  berggebied maakt deel uit van het regentschap Sukabumi en het regentschap Bogor, West-Java. 
De Salak heeft twee toppen waarvan de oudste een hoogte heeft van 2180 meter, en de jongste, de Sumbul-piek een hoogte van 1926 meter.
Een aantal actieve kraters zijn niet gelegen op de top. De grootste krater is Ratu Ratu, de jongste krater. Cikuluwung Putri krater en Hirup krater maken deel uit van het Ratu kratersysteem. 
De berg Salak heeft steile en diepe ravijnen en de flanken zijn bedekt met dichte vegetatie.
Sinds 1600 zijn er verschillende  uitbarstingen geregistreerd en de laaste vond plaats  op 31 januari 1938.
De naam Salak is niet afkomstig van de Salakplant, maar vindt haar oorsprong in het Sanskrietwoord salaka, wat "zilver" betekend.

GEDE.

Gede (groot) is een stratovulkaan met een hoogte van 2958 meter, gelegen ten noorden van de stad Sukabumi, West-Java.
De vulkaan heeft twee pieken; de Gede en de oudere Pangrango met een hoogte van 3019 meter, de kegel Mandalawang, aan de noordoostelijke kant van de caldera.
In het complex bevinden zich zeven krateres; de Baru Gumuruh van 2927 meter, Lanang van 2800 meter, Kawah Leutik Ratu van 2800 meter, Sela van 2709 meter en de Wadon van 2600 meter.
De eerste vulkanische uitbarsting werd in de 16e eeuw geregistreerd en de meest recente was op 13 maart 1957.
Rondom de vulkaan is in 1980 het nationaal park Gunung Gede Pangrango ingesteld.

PATUHA.

Patuha is een dubbele stratovulkaan met een hoogte van 2434 meter op een afstand van 50 kilometer ten zuidwesten van Bandung, Bandung district, West-Java.
Patuha is een van de vele vulkanen in dit gebied; andere in de regio zijn onder meer de berg Malabar,  Wayang en Papandayan.
De top van de Patahu is gevild met twee vulkanische kraters die 600 meter uit elkaar liggen. De noordwestelijke krater is droog, maar de zuidoostelijke heeft een groenachtig wit kratermeer genaamd Kawah Putih. Vroeger werd hier zwavel gewonnen.
Datum van de laatste uitbarsting is niet bekend.

WAYANG-WINDU.

Wayang-Windu is een lavakoepel op een hoogte van 2182 meter boven de zeespiegel.
Over een eruptie is geen datum bekend.
het geheel bestaat uit twee vulkanen; Wayang en Windu gelegen net ten oosten van de stad Pangalengan in het regentschap Bandung, en ongeveer 40 kilometer ten zuiden van de stad Bandung. Het gebied is een actief geometrisch project geweest. Wayang heeft een 750 meter brede crecentische krater die vier groepen fumarolen bevat. Windu heeft een 350 brede krater.

MALABAR.

Malabar is een stratovulkaan met een hoogte van 2343 meter, gelegen direct ten zuiden van de stad |Bandung in de Cisang-vallei.West-Java.
Het profiel is breed met basalt-andesiet gesteente.
De hoogste top staat bekend onder de naam Puncak besar,  "groet piek".
Op de lagere flanken van de berg zijn enorme theeplantages.
Datum van de laatste uitbarsting is niet bekend.




TANGKUBAN PARAHU.



Tangkuban Parahu, vertaald uit het Indonesisch "omgekeerde prauw" is een actieve stratovulkaan met een hoogte van 2.084 meter, gelegen op 30 kilometer ten noorden van de stad Bandung, West-Java.
Vanaf de kraterwand heeft men zicht op het meer gelegen in de caldera. Het uitbarstingscetrum is van oost naar west. Rond de caldera zijn de flanken van de vulkaan begroeid met pijnbomen.
De vulkaan had zijn laatste eruptie op 14 september 1983. Gemiddelde dagtemperatuur op de top is overdag 17 graden Celcius. 

PAPANDAYAN.

Papadayan is een stratovulkaan met een hoogte van 2665 meter gelegen  in het Garut regentschap, ten zuidoosten van de stad Bandung en ongeveer 15 kilometer ten zuidwesten van de stad Garut.
De top bestaat uit vier kraters die actieve fumarole velden bevatten. 
Een uitbarsting in 1772 zorgde ervoor dat de noordoostelijke flank instortte en een catastrofale puinlawine veertig dorpen vernietigde, waarbij 3000 mensen om het leven kwamen.
Door de uitbarsting werd de vulkaan afgetopt tot een brede vorm met twee toppen en eenvlak gebied van 1,1 kilometer breed met de Alun-Alun-Krater en de andere Mount Puntang. De laatste uitbarsting was op 11 november 2002.

KENDANG.

Kendang is een stratovulkaan met een hoogte van 2608 meter.
De datum van de laatste eruptie is niet bekend.
De berg is een geliefd object voor bergbeklimmers.
Rond de vulkaan liggen uitgestrekte landbouw gebieden met een uitgebreide schaal aan producten.






KAMOJANG.

Kamojang is een stratovulkaan met een hoogte van 1730 meter en heeft zijn laatste uitbarsting gehad in het Pleistoceen.
In de volksmond bekend als Kawah Kamojang, de Kamojang  - krater, De krater bevindt zich in het subdistrict Ibun in het regentschap Bandung, ongeveer 45 kilometer ten zuidoosten van de stad Bandung.
De vulkaan waarop de krater zich bevindt is Mount Guntur, maar de krater zelf wordt vermeld als een actieve vulkaan vanwege zijn geometrische activiteiten.

GUNTUR.

Guntur is een complexe stratovulkaan met een hoogte van 2249 meter, gelegen op een afstand van 10 kilometer ten noordwesten van de stad Garut, West-Java.
De laatste eruptie was op 16 oktober 1847. 
In de 19e eeuw waren er frequent explosieve uitbarstingen, waardoor het een van de meest actieve vulkanen van West-Java is. Sindsdien is er geen uitbarsting meer geweest.
De naam Guntur betekend "donder" in de Sundanese taal.



TAMPONAS.

Tamponas is een kleine stratovulkaan met een hoogte van 1684 meter in West-Java.
Op de oostelijke flank zijn lavastromen te vinden.
Tamponas betekend "zonder goud" in het Sundanees. De berg staat bekend als Agro Gusti Kencanawati en er woont een vrouwelijke geest.
Volgens de legende had een koninklijk echtpaar ooit ruzie en dat hun geest in de twee rotspartijen naast elkaar lag. De nabij gelegen berg is waar de mannelijke geest zou moeten verblijven.

De berg werd gebruikt als een bron van bouwmateriaal om het nabij gelegen Mrica Hudro-elektrische Dam-project te bouwen.

GALUNGGUNG.

De Galunggung is een actieve stratvulkaan met een hoogte van 2168 meter gelegen op West-Java.
Een uitbarsting in 1822 veroorzaakte een 22 kilometer lange modderstroom en eiste ruim 4000 slachtoffers.
Kleinere uitbarsting volgde in 1894.
De laatste grote uitbarsting 1982 en eiste 35 slachtoffers. De askegel bereikte een hoogte van 25 kilometer. Twee Boeing 747 die op tientallen kilometers van de vulkaan waren verwijderd moesten op het vliegveld van Jakarta een noodlanding maken, daar hun motoren uitvielen door de as in het luchtruim.

Huizen bedekt door een modder en lavastroom gedurende de uitbarsting in 1984

In 1984 vond er een kleine uitbarsting plaats.

In de vulkaan ligt een groot kratermeer.






TALAGABODAS.

Talagabodas ook wel Tegabodas genoemd is een stratovulkaan met een hoogte ven 2201 meter, gelegen op ongeveer 25 kilometer ten oosten van de stad Garut, West-Java.
De naam verwijst naar het Sundanees, wat betekend "Berg met het witte meer", wat wijst op het kratermeer.
Veranderingen in de kleur van het meer vonden plaats in 1913 en 1921. De diameter van de krater is net iets minder dan 2 kilometer en ligt op een hoogte van 1720 meter boven zee niveau of 1020 boven de Garut vlakte.
Fumaroles, modderpoelen en warmtebronnen zijn te vinden rond het kratermeer.
Talagabodas ligt net ten noorden van de Galunggung-vulkaan.

KAHARA.

Karaha is een hoog gelegen fumarole gebied met een hoogte van 1155 meter, gelegen op West-Java.
In het gebied ligt een klein vulkanische meer.
Over een laatste uitbarsting is niets bekend.







CEREME.

Cereme is een overheersende symmetrische stratovulkaan met een hoogte van 3078 meter, gelegen ten zuidwesten van de stad Cirebon, West-Java. Het is de hoogste berg van West-Java.
Op de top van de Cereme is een 0,5 kilometer brede krater.
De naam Cereme of Ciremai is afgeleid van het Sundanese woord voor Otaheite-kruisbes.
De flanken van de vulkaan zijn zo goed als kaal door de ernstige ontbossing, vooral illegale houtkap, zandwinning voor bouwdoeleinden en bosbranden. Oorzaak is duidelijk te merken door het dicht slibben van de rivieren. Laatste uitbarsting was in 1951.

SLAMET.


Slamet is een actieve stratovulkaan in het regentschap Purbalingga, Midden-Java. De vulkaan heeft een hoogte van 3432 meter en is een cluster van ongeveer drie dozijn sintelkegels op de lagere zuidoost-noordoostelijke flank en een enkele sintelkegel op de westelijke flank. De vulkaan bestaat uit drie overlappende delen en op de top zijn vier kraters te vinden. De top is de hoogste van Midden-Java.
Sinds de 18e eeuw zijn er historische uitbarstingen geregistreerd, met de meest recente gebeurtenissen in 2009 en 2014. 

DIENG.


Dieng beter bekend als het Dieng Plateau, is een plateau in Midden-Java, dat de vloer vormt van het calderacomplex op het Dieng Vulkanische Complex. Het geheel ligt op een hoogte van 2565 meter boven de zeespiegel. Het geheel ligt in het grondgebied van Banjarnegara- en de Wonosobo Regentschap. De hoogste berg in het Dieng-gebergte is de Parahu met een hoogte van 2590 meter.
Het plateau wordt omringt door een reeks bergen die zich ongeveer 6 kilometer van noord naar zuid en 14 kilometer van west naar oost uitstrekken.
Dieng is een naam afkomstig van Oud-Javaanse woorden: di betekend "plaats' en hyang betekend "voorouder" of "goden", letterlijk "Dihuang" betekend "plaats van de voorouders" of "plaats waar de goden wonen". Het is de mythe waarin de oude Javanen geloofden dat de voorouders en goden op hoge plaatsen woonden. In de volksmond staat het meer bekend als "het land boven de wolken".
Op het plateau liggen fumarolevelden en twee meren. Meer bekend zijn de oude overgebleven gebouwen van een oud tempelcomplex, de Arjuna tempels, uit het Mataram koninkrijk in het tijdperk van de 8e eeuw.


                 Zie vervolg: LEVEN TUSSEN VULKANEN. JAVA - INDONESIË. DEEL 2.




woensdag 31 mei 2023

LEVEN TUSSEN VULKANEN. SUMATRA - INDONESIË. (DEEL 3)

 

   LEVEN, DOOD EN MYTHES. 

                   DEEL 3.

       EEN GORDEL VAN VULKANEN.


VULKANEN VAN NOORD TOT ZUID.

PATAH.

Patah of Gunung Patah, wat betekend 'gebroken berg' is de hoogste berg in de Indonesische provincie Benkulu , Zuid-Sumatra.
De berg met een hoogte van 2.852 meter is zwaar bebost en ligt ten zuidoosten van de vulkaan Dempo.
Patah ligt in een beschermd bosgebied Raja-Mansara, met een totale oppervlakte van 42.567 hectare. De top van de berg ligt op de grens van de provincie Bengkulu en Zuid-Sumatra. Het westelijke deel van de top is een zwavelkrater die zich in de regio van de provincie Bengkulu bevindt op een hoogte van 2.600 meter, in het zuidelijke deel van de krater bevindt zich een vulkanisch meer met een hoogte van 2.550 meter boven zeeniveau. In 1989 werd nabij de top van de vulkaan een fumarole-activiteit waargenomen. De exacte locatie van de krater, de datum van zijn vorming en de geologische relatie in niet bekend.

BUKIT LUMUT BALAI.

Bukit Lumut Balai is een zwaar geërodeerde startovulkaan op Zuid-Sumatra.
het geheel bestaat uit drie uitbarstingscentra, twee op de Bukit Lumit en ëén aan de noordoostkant van de Bukit Balai.
Het hoogste punt van deze vulkaan ligt op 2055 meter boven zeeniveau.
Aan de noordkant van Bukit Balai vindt een grote lavastroom plaats. Actieve fumarole-velden zijn te vinden in twee crescentrische bekkens ten noorden van Bukit Lumut.
De Indonesische staatsoliemaatschappij Pertamina doet olieboringen aan de voet van de vulkaan.


BESAR.

Gunung Besar, wat betekend 'Grote berg', is een stratovulkaan in het zuidoosten van Zuid-Sumatra.
De vulkaan heeft een hoogte van 1899 boven zeeniveau.
In de krater is een kleine zwavelafzetting te vinden. 
Een groot solfatara=veld genaamd Marga Bayur bevindt zich langs de Noord-zuidwestelijke flanken of het Semangko-breuksysteem.




RANAU.


Ranau is een slapende stratovulkaan in Zuid-Sumatra met een hoogte van 1880 meter boven zeeniveau.
In de vulkaan ligt een caldera met een afstand van 8 bij 13 kilometer wat gedeeltelijk gevuld wordt door een halvemaanvormige meer. 
Gunung Semuning is een mogelijk nog actieve vulkaan, gelegen aan de zuid00stelijke zijde van de caldera.

SEKINCAU BELIRANG.


Sekincau is een vulkaan met twee caldera's, Belirang en Balak en is gelegen in de provincie Lampung, het zuiden van Sumatra. Op de top bevindt zich een krater met een breedte van 300 meter.
De vulkaan heeft een hoogte van 1.719 meter boven het zeeniveau.
Fumarole -activiteiten zijn te vinden aan de voet van de caldera's.


SUWOH.

Suwoh of Suoh is een vulkaan-caldera op Zuid-Sumatra, met een hoogte van 1000 meter.
Het complex bevat een gebied van 8 bij 16 kilometer die een aantal overlappende caldera's bevat.
De randen van de Suoh worden gemarkeerd door een aantal lavakoepels.
De laatst bekende eruptie vond plaats van 10 juli tot 5 augustus 1933, wat samenging met een zware tektoninsche aardbeving.


HULUBELU.

Hulubelu is een vulkanische caldera gelegen op een hoogte van 1.040 meter, gelegen in Zuid-Sumatra.
De vloer van de caldera ligt ongeveer 700 meter boven de zeespiegel en wordt omgeven door steile wanden.
Post-caldera vulkanisme vormde centrale kegels en basaltische en andesitische flankvulkanen. 
Solfatarische gebieden, moddervulkanen en warmtebronnen komen op verschillende locaties voor.
Thermische gebieden zijn uitgelijnd ten noordoosten  van een parallel een de Grote Sumatraanse breuklijn, die over de gehele lengte van Sumatra loopt. Laatst bekende uitbarsting was in 1836.

RAJABASA.

Rajabasa is een geïsoleerde kegelvormige vulkaan van 1281 meter hoogte gelegen aan de Straat Soenda, in de meest zuidoostelijke punt van Sumatra, in de provincie Zuid-Lampung.
De vulkaan heeft een goed bewaard gebleven topkrater van 500 bij 700 meter met een moerassige bodem. De flanken zijn bedekt met vegetatie. Fumarolische activiteit vindt plaats aan de voet van de flanken. De laatste activiteit werd gemeld in april 1863 en mei 1892, maar haar laatste uitbarsting was in 1798.

KRAKATAU.

Krakatau is een kleine archipel van vier vulkanische eilanden gelegen in Straat Soenda tussen Sumatra en Java, en valt onder de Sumatraanse provincie Lampung.
De vulkaan Krakatau barste in 1883 uit, waarbij een groot deel van de vulkaan door de zee verzwolgen werd.
In 1928 kwam op de plek waar een deel van de vulkaan had gestaan een veel kleinere vulkaan boven de zeespiegel uit, en kreeg de naam 'Anak Krakatau', 'Kind van Krakatau', met een huidige hoogte van 813 meter boven de zeespiegel.
Rondom de Anaka Krakatau bevinden zich in de kleine archipel drie eilanden. De offici"le namen zijn: Pulau Panjang (Lang eiland), ook Krakatau kecil (Klein Krakatau) genoemd; Pulau Sertung (Verlaten eiland) en Pulau Rakata, ook Krakatau Besar (groot Karakatau) genoemd, dat tot 1883 onderdeel uitmaakte van de grotere vulkaan die buiten Indonesië Krakatau genoemd wordt. De Krakatau Archipel ligt in het nationaal Ujung Kulon park.




DE NAAM.

Het woord 'Krakatau' komt van het woord 'karkata' in het Sanskriet voor 'krab'. men gaat er vanuit dat de oorspronkelijke vulkaan met bijbehorende atollen ooit de vorm van een krab heeft gehad of iets wat daarop leek.
De naam verscheen voor het eerst in 1676 door een Nederlandse schrijver van het boek Oost-Indische Voyagie, waarin hij spreekt over 
"passerende het hooge, boomrijeke eilant Crakatouw"
De Portugezen gebruikten de naam 'Krakatao', een naam die bij de Engelsen ingeburgerd  raakte.




MOEDER VAN DE ANAK.

Na een winterslaap van twee eeuwen stijgt plots gerommel op uit de buik van Krakatau op 20 mei 1883, een eiland met liefst drie vulkanische uitlaten in het hart van de smalle waterweg, Straat Soenda, tussen de twee Indonesische eilanden Sumatra en Java
In de daarop volgende maanden, bleef Krakatau met regelmaat van de klok onheilspellende geluiden uitstoten. De druk in de vulkaan stijgt en tegen de zomer bereikt die een hoogtepunt. Op 11 augustus beginnen de vulkanische uitlaten as te spuwen, een voorbode van een epische catastrofe.
Op 26 augustus stijgt de aswolk tot een hoogte van 32 kilometer in de lucht en bevingen veroorzaken verschillende tsunami's.
De volgende ochtend, even na middernacht begon de uitbarsting van de vulkaan en om 05.30 uur gaat het dak van de vulkaan de lucht in; in de loop van 4,5 uur vinden er vier krachtige uitbarstingen plaats met catastrofale gevolgen.
Bij de laatste uitbarsting om 10.02 uur rees de berg op , scheurde open en stortte in, waarna de zee in het gapende gat stortte, met als gevolg een catastrofale explosie. Deze had een geschatte vulkanische-explosiviteitsindex van 6.

Door een pyroclastische stroom die voor de tsunami uit over de Straat Soenda heen raasde kwamen ongeveer 1,000 mensen om het leven in Ketimbang aan de zuidkust van Sumatra, 40 kilometer ten noorden van de Krakatau.
De tsunami zelf was tot meer dan 30 meter hoog en vloedgolven overspoelden de kusten van Sumatra en Java. Naar schatting verloren 36.417 mensen het leven en complete steden en dorpen werden weggespoeld.

 Pulau Rakata, wat overbleef van de Krakatau na de uitbarsting.


Door de enorme hoge golven werden zeeschepen, zoals het Nederlandse marineschip Berouw, vele kilometer landinwaarts geslingerd. De uitbarsting werd over de gehele wereld waargenomen en gingen de golven 3,5 keer de aarde rond.
Er rees een aswolk uit de berg die tot een hoogte van 50 kilometer steeg en zijn omgeving in een diepe duisternis dompelde. Door deze enorme hoeveelheid stof in de atmosfeer, een wolk van 400 kilometer breed, daalde wereldwijd het volgende jaar de gemiddelde temperatuur 1,2 graden.  
Meer dan 160 dorpen werden van de kaart geveegd en tussen 35.000 en 40.000 mensen kwamen om het leven

ANAK KRAKATAU.

In 1927 ontstond door een vulkanische uitbarsting op de plaats waar een deel van de Krakatau had gestaan een nieuw vulkanisch eiland, maar dit werd door de zee weer snel verzwolgen.
Dit proces herhaalde zich twee keer, maar sinds 12 augustus 1930 is de aanwas sterker dan de erosie.
Het is dit laatste eiland dat de naam Anak Krakatau ('Kind van de Krakatau') kreeg.
Met de jaren groeide het eiland en kreeg de vulkaan op haar flanken aanwas van vegetatie.


Op 22 december 2018 vond er een tsunami plaats in de Straat Soenda, die met name de westkust van Java trof en honderden doden eiste. Het was het gevolg van de uitbarsting van de Anak Karakatau en een daaropvolgende onderzeese aardverschuiving.
De vulkaan had voor de uitbarsting een hoogte van 338 meter en na de uitbarsting nog maar 110 meter.
De tsunami veroorzaakte verwoestingen op de eilanden voor de westkust van Sumatra en de kust van Atjeh. 



HET LEVEN TUSSEN VULKANEN.

Tijdens mijn rondreizen in Indonesië vroeg ik vaak een de lokale bewoners hoe het is te leven tussen de vulkanen. Dan wordt je vaak aangekeken alsof je iets vreemds vraagt. Zij leven vaak hier al generatie na generatie tussen de vulkanen. Voor hen is het gewoon een dagelijks iets waar ze gewoon niet bij stilstaan, maar ze kunnen er wel over vertellen. Zo heeft iedere vulkaan wel een mythe, een verhaal dat van generatie op generatie wordt doorverteld. Verhalen die verbonden zijn met het dagelijkse leven van de mens.


De vulkaan heerst over leven en dood; dood bij een uitbarsting en leven in de vorm van vruchtbare aarde, die vaak twee oogsten per jaar opbrengt.
Zo brengen de mensen offers aan de vulkaan om deze goed te stemmen en te bedanken.
De vulkaan beheerst in feite het dagelijks leven van de bevolking; hij slaapt als alles vredig is, hij rommelt als waarschuwing dat er iets fout is gegaan en hij komt tot uitbarsting om zijn woede
als men niet goed heeft geleefd. Maar vaak ziet men het ook als een voorteken.

Oud presidenten van Indonesië gingen naar de top van de vulkaan om te bidden en de geesten wel te stemmen.




                           Zie vervolg: LEVEN TUSSEN VULKANEN. JAVA - INDONESIË. 







vrijdag 26 mei 2023

LEVEN TUSSEN VULKANEN. SUMATRA - INDONESIË. (DEEL 2)

 

LEVEN, DOOD EN MYTHES. 

                   DEEL 2.

    EEN GORDEL VAN VULKANEN.


VULKANEN VAN NOORD TOT ZUID.

IMUN.

Imun of Dolok Imun is een kleine dacitische en rhyolitische lavakegel met een hoogte van 1.800 meter, gelegen op 20 kilometer ten zuiden van het Toba-meer en 6 kilometer ten noorden van de stad Situmeang, in het regentschap Noord-Tapanuli, Noord-Sumatra.
Dolok Imun is een heuvel waarvan wordt aangenomen dat het het cenmtrale oorsprongsgebied is voor de afstammelingen van koning Naipospos. In de Batak-taal kan ook dolok worden geïnterpreteerd als een piek, heuvel of berg.
Imun is begroeid met bossen en omringt door dorpsnederzettingen aan de voet.

Volgens de legende die zich ontwikkelde in de Batak-gemeenschap, nadat Tuan Sorbadibanua's afstammelingen van zijn vrouw Sibasopaet, namelijk de koningin van Sumba, koning van Sumba en koning van Naipospos gescheiden waren, ging koning Naipospos naar Bahalbatu, verhuisde toen en vestigde zich en opende het eerste dorp Dolok Imun. De koning van Naipospos is de verenigde voorouder van de zeven clans die afstammen van Naipospos. Er wordt aangenomen dat de zonen en dochters van de koning zijn geboren en getogen in Dolok Imun.

SIBUALBUALI.

Sibualbuali is een stratovulkaan met een hoogte van 1.819 meter en is gelegen in het regentschap Zuid-Tapanuli, Noord-Sumatra.
De vulkaan waarvan de laatste uitbarsting niet bekend is, heeft twee solfatara-velden (fumarolen) op de oostelijke flank.
Er is een rhyolitisch - dacitische lavakopel uitgebarsten uit de Toru-Asik breuklijn.
Laatste datum van uitbarsting is niet bekend.



 STRATOVULKAAN.

Een stratovulkaan is een hoge kegelvormige vulkaan die is opgebouwd uit lagen van gestolde lava en tefra. Stratovulkanen hebben relatief steile hellingen en worden gekenmerkt door regelmatig explosieve uitbarstingen.
De naam stratovulkaan is afgeleid van het Latijnse woord voor "laag"; stratum, meervoud strata.
Doorsnede van een stratovulkaan.
A - aanvoer van magna. B - centrale vulkaanpijp. C - vulkanische kegel op de flank van de vulkaan.
D - lavastroom. E - sill. F - Pyroclastische afzettingen. G - krater met opvulling. H - oude pijp.
 
Stratovulkanen worden meestal gevormd boven subductiezones, als ketens of bogen langs de randen van tektonische platen waar oceanische kort onder continentale korst duikt.

LUBUKRAYA.

De Lubukraya is een stratovulkaan in het regentschap Zuid-Tapanuli, Noord-Sumatra.
De vulkaan heeft een hoogte van 1.862 meter.
Het is een inactieve vulkaan, waarvan de laatste uitbarsting niet bekend is.
Er is geen vulkanische activiteit op het oppervlak van de berg, maar sporen van de uitbarsting verschijnen in de vorm van een gescheurde kraterwand die zich uitstrekt naar het zuidwesten.



SORIKMARAPI.


Sorikmarapi is een actieve stratovulkaan met een hoogte van 2.145 meter. De vulkaan maakt deel uit van het National perk Batang Gadis, gelegen in het regentschap Mandailing Natal in Noord-Sumatra.
De krater van de vulkaan heeft een diameter van 600 meter en in de krater ligt een meer.
De vulkaan kwam voor het laatst tot uitbarsting in 1986. De eerste geregistreerde eruptie was in 1879, en latere in 1892, 1893, 1817 en 1970.

TALAKMAU.

Talakmau ook bekend als Talamau of Ophir is een complexe vulkaan in West-Sumatra ten westen van de stad Lubuksikaping.
De vulkaan heeft een hoogte van 2.919 meter. De datum van de laatste eruptie is niet bekend.







COMPLEXE VULKAAN.

Een complexe vulkaan is een vulkaan met meer dan één karakteristiek.
Dergelijke vulkanen ontstaan door veranderingen in hun uitbarstingskarakteristieken of meer door aanwezigheid van meerdere openingen in de aardkost in het gebied.
Stratovulkanen kunnen complexe vulkanen vormen, doordat ze een andere vulkaan kunnen overlappen door explosieve uitbarstingen, lavastromen, pyroclastische stromen en door herhaaldelijke uitbarstingen, waardoor meerdere toppen en openingen ontstaan.
Hoewel het een ongewone vulkaanvorm is, komt de complexe vulkaan zeer veel voor in de wereld en in de geologische geschiedenis. 

SARIK-GAJAH.


Sarik - Gajah bestaat uit twee pyroclastische kegels die precies op de lijn van de evenaar zijn gelegen, 6 kilometer van de stad Lubuksikaping, in West-Sumatra.
De eerste kegel, een andesitisch / basalt begroeide kegel. De andere is een andesic- dacitische kegel, 10 kilometer zuidwesten van de eerste en bevat lavastroom.
Het gehele complex heeft een hoogte van 2271 meter.
Er is nooit een uitbarstingsgeschiedenis geregistreerd van dit vulkanische complex.







MERAPI.

Gunung Merapi in het Indonesisch, in het Minangkabaus: Gunung Marapi, en verder bekend onde de naam Marapi of Berapi, is een complexe vulkaan gelegen ten zuiden van de stad Bukittnggi en ten noordoosten van de stad Padang Panjang.
De vulkaan met een hoogte van 2891,3 meter is de actiefste vulkaan van West-Sumatra.
De laatste uitbarsting van de vulkaan was op 5 augustus 2004.
De naam betekend 'Vuurberg'.


Er zijn in Indonesië meerdere vulkanen met een soort gelijke naam, zoals de vulkaan Gunung Merapi bij de stad Jogjakarta op Java.

TANDIKAT & SINGGALAN.

De vulkaan Tandikat staat ook bekend onder de namen Tandikai en Tandikek.
Het is een stratovulkaan met een hoogte van 2.438 meter en vormt een tweelingvulkaan met de Singgalang, die ten noordoosten ligt van de Tandikat. De stad Padang Panjang ligt aan de voet van deze vulkaan op 7,5 kilometer afstand.
Laatste eruptie was in 1924.







De vulkaan Singgalang gezien vanuit de Sianok canyon, in het Minangkabaus Gunang Singgalang, is een vulkaan met een hoogte van 2877 meter gelegen in de buurt van de steden Bukittingi en Padang Panjang. Van deze vulkaan is geen uitbarsting gedocumenteerd. In de caldera van de vulkaan ligt een meer, dat geheel omringt is door bosachtige begroeiing.

TALANG.


Gunung Talang, ook bekend onder de namen Sakasi en Sulasi is een actieve stratovulkaan in het regentschap Solok. op 35 kilometer van de stad Padang, op West-Sumatra.
De vulkaan heeft een hoogte van 2597 meter en heeft twee kratermeren. Het grootste van de twee is het Talangmeer, in het Indonesisch Danau Talang. De vulkaan vormt met de uitgedoofde vulkaan Pasar Arbaa een tweeling vulkaan.
Tussen 1833 en 1968 hebben er acht uitbarstingen plaats gevonden. Bij de laatste kleine uitbarsting op 11 april 2005 moesten er meer dan 25.000 mensen worden geëvacueerd uit het gebied.
In 2006 werd de alarmfase van de vulkaan verhoogd wegens verhoogde activiteit. 

KERINCI.


Kerinci, in het Indonesisch Gunung Kerinci, ook wel Gunung Kerenci, Gadang, Berapi Kurinci, Korinci of Puncak Indrapura is de hoogste berg op het eiland Sumatra en de hoogste vulkaan, met 3.805 meter, van Indonesië. Het is de op vierna hoogste vulkaan van de wereld.
De vulkaan maakt deel uit van het Barisangebergte en ligt 130 kilometer ten zuidoosten van de stad Padang in het regentschap Zuid-Solok, West-Sumatra.
De vulkaan is het meest opvallende kenmerk van het gebied van Kerenci Seblat National Park, de thuisbasis van verschillende bedreigde diersoorten, waaronder de Sumatraanse tijger.
Op de kegelflanken van de vulkaan groeien pijnbomen die 2.400 tot 3.300 meter hoogte groeien, een gebied van 13 kilometer breed en 25 kilometer lang, in de noord-zuid richting. Op de top ligt een diepe 600 meter brede krater, vaal gedeeltelijk gevuld door een klein kratermeer gelegen aan de noordoostkant van de krater bodem. De laatste uitbarsting van de vulkaan was op 22 juni 2004.

SUMBIMG.



De vulkaan Sumbing met een hoogte van 2.507 meter is gelegen ten zuiden van de stad Sungaipenuh.
Deze srtatovulkaan heeft een gecompliceerd topgebied met verschillende kraters en een 180 meter lang kratermeer.
Warmwaterbronnen komen voor op de zuidwestelijke flank van de vulkaan.
In de historie van de vulkaan hebben er slechts twee uitbarstingen plaats gevonden, een in 1909 en de andere in 1921.

KUNYIT.


Mount Kunyit, in het Indonesisch Gunung Kunyit, "Turmeric Mountain"; ook bekend onder de naam Bukit Sulptur, is een fumarolische stratovulkaan bij Talang Kemuning Village in het Gunung Raya Disitrict, Kerinci Regency, Jambi, West-Sumatra.
De top bevat twee kraters; het bovenste is een krater meer. De vulkaan in in de krater met het meer dicht begroeid met vegetatie. De fumarolen vormen fraaie creaties.

FUMAROLE.

Een fumarole, in het Latijn: Fumus wat rook betekend, is een opening in de aardkorst in de nabijheid van vulkanen of in een vulkanisch actief gebied, waar warme tot zeer hete gassen en dampen uit ontsnappen.
Dewze gassen of dampen bestaan voornamelijk uit waterdamp en kooldioxide, maar er kunnen ook giftige bij zitten zoals waterstofchloride, waterstof-fluoride of waterstofsulfide.
Fumaroles die zwavelgas uitstoten, worden solfatara genoemd, wat is afgeleid van het Italiaanse woord solfo, zwavel.

Soms wordt er zuivere zwavel afgezet op de randen van de solfatare. 
Voorwaarden voor het bestaan ban fumarolen is de aanvoer van water. Dit kan zowel van neerslag afkomstig zijn die snel door de, in het algemeen poreuze, grond verdwijnt als van een ondergrondse aanvoer. In het water kunnen allerlei stoffen oplossen, en na verhitting van dat water zoekt het zich een weg omhoog. Bovendien is de oververhitte stoom met de opgeloste gassen in staat om onderweg chemische reacties met mineralen die hij tegen komt aan te gaan, waardoor er met name zwavelhoudende producten ontstaan.
Fumarolen kunnen decennia of eeuwen aanhouden als ze boven een aanhoudende warmtebron staan, of binnen enkele weken of maanden verdwijnen als ze zich op de top van een jonge, snel afkoelede vulkanische afzetting bevinden.

BELIRANG-BERITI.




Belirang-Beriti is een vulkanisch complex dat uitsteekt boven de Semalako-vlakte in het zuidwesten van Sumatra.
Het vulkanische complex met een hoogte van 1.958 meter, bevat een 1,2 kilometer brede vulkanische krater.




BUKIT DAUN.



Bukit Daun is een stratovulkaan met een hoogte van 2.467 meter.
De vulkaan is gelegen in een dunbevolkt gebied in Zuid-Sumatra.
Op de top bevindt zich een 600 meter breed kratermeer.
In de zuidwestelijke flank bevindt zich een kleiner kratermeer, Tologo Kecil.
Datum van laatste uitbarsting is niet bekend.



KABA.

De Kaba is een stratovulkaan met een hoogte van 1940 meter, en gelegen in Zuid-Sumatra, in de regentschappen Rejang Lebong en Kepahiang, in de provincie Bengkulu.
De Kaba vormt samen met de Hitam een tweelingvulkaan.
Op de top heeft de Kaba een langwerpig kratercomplex waarin zich drie grote kraters bevinden, waarvan een met een meer.
De Kaba is een actieve vulkaan die in de 19e en 29e eeuw verschillende freatische erupties heeft gehad, veelal met een waarde van 2 in de vulkanische-explosiviteitsindex.
De eerste uitbarsting dateert uit 1833 en de laatste was in augustus 2000.

DEMPO.


Dempo is de hoogste stratovulkaan in de provincie Zuid-Sumatra, gelegen in het regentschap Paga Alam. De 3.173 meter hoge vulkaansteekt uit boven de Pasumah-vlakte welke grenst aan de provincie Bengkulu.
Rond de top zijn zeven kraters te vinden. Aan de noordwestkant van het kratercomplex bevindt zich een 400 meter breed meer.
Activiteit was aanwezig in 2009 en de meest recentelijke op 31 mei 2022. Op die laatste datum deed om 01.54 lokale tijd zich een kleine freatische explosie voor, waardoor kleine pyroclastische stromen een paar honderd meter langs de noordwestelijke helling naar beneden stroomden. Buiten schade aan de vulkaan, was er geen schade aan het omringede landschap en geen gewonden en doden onder de burgerbevolking.


               Zie vervolg: LEVEN TUSSEN VULKANEN. SUMATRA - INDONESIË. (DEEL 3)